Veni Domine Iesu

Veni Domine Iesu
De Tent van God bij de mensen en Hij zal bij hen verblijven

maandag 24 mei 2021

Het geheimenis van Pinksteren

In het Hebreeuws is het woord voor Pinksteren Shavuot, dat "weken" betekent. In de Joodse kalender is het Wekenfeest het feest van de tarweoogst in het land Israël:

 

Zeven weken dient gij u te tellen. Vanaf het ogenblik dat de sikkel voor het eerst in het staande koren wordt geslagen, zult gij zeven weken beginnen te tellen. Dan moet gij het Wekenfeest vieren voor YHWH, uw God, naar de vrijwillige gave van uw hand die gij zult geven, naarmate YHWH, uw God, u mocht zegenen (Dt 16:9-10).

 

Zoals voor het eerst aangegeven in Leviticus, wordt Shavuot gezien als het hoogtepunt van zeven weken, plus één dag... de dag ná de sabbatDeze vijftig dagen worden in het NT (het Griekse deel van de Bijbel) aangeduid als Pinksteren, de Hollandse weergave van het Griekse woord [Πεντηκοστη] voor 'vijftig'.

 

Vanaf zijn vroegste dagen stond Pinksteren bekend als een oogstfeest. Maar 50 dagen daarvoor – op 16 Nisan - werd, eveneens volgens Gods inzetting de omer [schoof] aangeboden door de hogepriester, die voor de tabernakel stond; later voor de tempel. Het was het teken van het feest der Eerstelingen. In Leviticus 23:11 wordt het de schoof [Hebreeuws omer] genoemd. In zijn gewone betekenis was een omer een droge maat die iets meer dan twee liter bedroeg. 

Het aanbieden van de omer kenmerkte de eerste dag van een aftelling van vijftig dagen tot op Pinksteren:

 

En vanaf de dag ná de sabbat, vanaf de dag waarop jullie de schoof van het beweegoffer brachten, moeten jullie je zeven weken tellen. Zeven volle weken zullen het zijn. Tot de dag na de zevende sabbat moeten jullie tellen, vijftig dagen, en jullie moeten een nieuw graanoffer aan YHWH aanbieden. Uit jullie woonplaatsen moeten jullie twee broden als beweegoffer brengen. Ze dienen uit twee tiende efa meelbloem te bestaan. Ze dienen gezuurd gebakken te worden, als eerste rijpe vruchten voor YHWH (Lv 23:15-17).

 

Het tellen van de vijftig dagen vanaf de Eerste Vruchten tot Pinksteren is typerend voor de verlossing in het algemeen. Voor de Jood heeft het, in de naleving van het Wekenfeest (Shavuot), altijd de rijping van de relatie tussen God en Israël voorgesteld.

Daarbij kunnen we denken aan de tradities die in de eerste jaren van de Gemeente ontstonden. De centrale doctrines werden overgeleverd door mensen die in de tradities van de Joodse geschiedenis en profetie waren opgevoed. Hun leven stond letterlijk in het teken van het bijhouden van de feestenkalender.

 

Van alle vieringen volgens de Joodse feestkalender is het Wekenfeest het meest mysterieus. In het moderne Jodendom wordt Pinksteren altijd op twee dagen gehouden; een mysterie op zich. Omdat het op hun kalender ‘zweeft’, wordt het het feest zonder datum genoemd. In Leviticus 23:15-22 lezen we de volledige details omtrent Shavuot (Pinksteren).

 

En vanaf de dag na de sabbat [16 Nisan], vanaf de dag waarop jullie de schoof [omervan het beweegoffer brachten, moeten jullie je zeven sabbatten tellen. Het dienen werkelijk volle [weken] te zijn. Tot de dag na de zevende sabbat moeten jullie vijftig dagen tellen, en jullie moeten een nieuw graanoffer aan YHWH aanbieden. 

 

Uit jullie woonplaatsen moeten jullie twee broden als beweegoffer brengen. Ze dienen uit twee tiende efa meelbloem te bestaan. Ze dienen gezuurd gebakken te worden, als eerste rijpe vruchten voor YHWH. 

En met de broden moeten jullie zeven gave mannetjeslammeren aanbieden, elk van een jaar oud, en één jonge stier en twee rammen. Ze behoren als een brandoffer voor YHWH te dienen, met het daarbij behorend graanoffer en de daarbij behorende drankoffers; als een vuuroffer tot een rustig stemmende geur voor YHWH. 

En jullie moeten één geitenbokje als zondeoffer opdragen en twee mannetjeslammeren, elk van een jaar oud, als gemeenschapsoffer. En de priester moet ze heen en weer bewegen met de broden van de eerste rijpe vruchten, als een beweegoffer voor het aangezicht van YHWH, met de twee mannetjeslammeren. Ze dienen de priester toe te komen als iets heiligs voor YHWH. 

 

En jullie moeten op diezelfde dag een bekendmaking doen; er zal een heilige samenkomst voor jullie zijn. Geen enkel soort zwaar werk mogen jullie verrichten. Het is een inzetting tot onbepaalde tijd in al jullie woonplaatsen voor jullie geslachten.

 

Wanneer de meeste Christenen stil staan bij Pinksteren denken ze in het geheel niet aan Joodse feestdagen. Hun eerste gedachte gaat gewoonlijk uit naar het boek Handelingen. Dat boek - de geschiedenis van de apostolische activiteit in de vormingsdagen van de Gemeente - is gebaseerd op het aeon [wereldperiode] van de heilige geest en de geboorte van de Gemeente op de Pinkstermorgen. Op zich is het één van de meest verbazingwekkende gebeurtenissen in de geschiedenis van de wereld.

 

Het boek Handelingen begint nabij het einde van de periode van vijftig dagen die begonnen te tellen ná het Feest van de Eerstelingen, de dag die de opstanding van onze Heer markeert; volgens de Joodse kalender jaarlijks op 16 Nisan.

 

Lukas opent zijn verslag door terug te verwijzen naar zijn Evangelie en noemt dat het eerste bericht. Aan het einde daarvan stijgt Yeshua op ten hemel, ná een ontmoeting met veel mensen.

De Heer zelf beëindigde zijn verschijningen door te zeggen: En zie, ik zend de belofte van mijn Vader op jullie; jullie echter, blijft in de stad wonen totdat jullie worden bekleed met kracht uit de hoogte (Lk 24:49).

 

Vervolgens, in de Handelingen, na die lacune van veertig dagen, schrijft Lukas >>

 

Het eerste bericht, Theofilos, heb ik opgesteld over alle dingen die Yeshua begonnen is zowel te doen als te onderwijzen tot op de dag dat hij werd opgenomen; nadat hij aan de apostelen die hij had uitgekozen door heilige geest bevelen had gegeven. Ook aan hen toonde hij, nadat hij had geleden, door vele onweerlegbare bewijzen dat hij levend was, daar hij gedurende veertig dagen door hen werd gezien en over de dingen aangaande het koninkrijk Gods sprak.

 

En terwijl hij met hen samenkwam, beval hij hun: Vertrekt niet uit Jeruzalem, maar blijft wachten op datgene wat de Vader heeft beloofd, waarover jullie van mij hebben gehoord.

Want Johannes doopte wel met water, maar jullie zullen niet vele dagen hierna in heilige geest worden gedoopt.

Toen zij nu bijeengekomen waren, gingen zij hem vragen: Heer, herstelt gij in deze tijd het koninkrijk voor Israël? Hij zei tot hen: Het komt jullie niet toe kennis te verkrijgen van de tijden of tijdperken die de Vader onder zijn eigen autoriteit heeft gesteld, maar jullie zullen kracht ontvangen wanneer de heilige geest op jullie gekomen is, en jullie zullen getuigen van mij zijn, zowel in Jeruzalem als in geheel Judea en Samaria, en tot het uiteinde der aarde.

 

En nadat hij deze dingen had gezegd, werd hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven, en een wolk onttrok hem aan hun gezicht. En toen zij met gespannen aandacht in de lucht keken, terwijl hij heenging, zie! daar stonden twee mannen in blinkende klederen naast hen, en zij zeiden: Mannen van Galilea, waarom staan jullie in de lucht te kijken? Deze Yeshua, die van jullie werd opgenomen in de lucht, zal aldus op dezelfde wijze komen zoals jullie hem ten hemel hebben zien gaan (Hn 1:1-11).

 

Yeshua steeg op voor de verwonderde ogen van zijn leerlingen, waarna een wolk hem aan hun waarneming onttrok.

Velen geloven dat die gebeurtenis het moment voorafschaduwt waarop Christenen – op hun beurt - zullen worden opgenomen om voor altijd bij hem te zijn; uiteraard in de hemelsferen. Zoals we lezen in Eén Thessalonicenzen 4 >>

 

14  Want indien wij geloven dat Yeshua stierf en opstond, zo zal ook God hen die ontsliepen door Yeshua met hem brengen.

15  Want dit zeggen wij jullie op gezag van [het] woord van [de] Heer: wij, de levenden, die overblijven tot in de paroesie van de Heer, zullen de ontslapenen beslist niet voorgaan.

16  Want de Heer zelf zal met een bevelend roepen, met een stem van [de] aartsengel en met een trompet Gods neerdalen vanaf [de] hemel en de doden in Messias zullen eerst opstaan.

17  Daarop zullen wij, de levenden die overblijven, tezamen met hen in wolken worden weggerukt, de Heer tegemoet in de lucht; en zo zullen we altijd met [de] Heer zijn.

18  Blijft elkaar aldus in deze woorden vertroosten.

 

Maar terug naar de Handelingen, waar wij lezen dat de leerlingen gedurende de volgende tien dagen steeds bijeen waren en baden, tot op Pinksteren: En toen de Pinksterdag aanbrak waren zij allen op dezelfde plaats bijeen.

Letterlijk volgens het Grieks Κα ν τ συμπληροσθαι τν μραν τς πεντηκοστς σαν πντες μο π τ ατ >>

En toen de dag van Pinksteren volledig was aangebroken, waren allen eensgezind op één plaats.

We lezen:

 

En plotseling kwam er uit de hemel een gedruis als van een geweldige windvlaag, en het vervulde het gehele huis waarin zij gezeten waren. En hun werden tongen als van vuur zichtbaar, die zich verdeelden, en op ieder van hen zette zich er één, en zij werden allen met heilige geest vervuld en begonnen in andere talen te spreken, zoals de geest het hun gaf ronduit te spreken (Hn 2:1-4).

 

Toen Petrus op die Pinksterdag zijn historische betoog hield, citeerde hij de profeet Joël, wiens hele boek rond de oogstcyclus is gecentreerd. YHWH Elohim had volgens de profeet het Pinkstergebeuren al aangekondigd: Ik zal mijn geest uitstorten op alle vlees. Daarmee het thema van de oogst aangevend.

Ook sprak Joël over het toekomstige herstel van Israël en verbond hij een en ander met de tijd van de lenteoogst.

 

En jullie, kinderen van Sion, verheugt je en wees blij in YHWH, jullie God. Want Hij heeft jullie de Leraar tot gerechtigheid gegeven. Die zal regen op u doen neerdalen, vroege regen en late regen in de eerste maand. De dorsvloeren zullen vol koren zijn, de perskuipen stromen over van nieuwe wijn en olie. Ik zal jullie de jaren vergoeden die de veldsprinkhaan, de jonge sprinkhaan, de zwermsprinkhaan en de treksprinkhaan hebben opgegeten (Jl 2:23-25).

 

Maar terug naar ons eigenlijke onderwerp: Pinksteren en de diepere betekenis daarvan voor hen die zich door roeping mogen rekenen tot Yeshua’s Gemeentelichaam.

Die dag, ná de zevende sabbat sinds 16 Nisan, betekende het einde van de graanoogst. En dan werden twee met gist gebakken broden – gezuurd dus - naar de Tempel gebracht en door de Hogepriester in de lucht heen en weer bewogen. Die twee broden symboliseerden kennelijk

1.) de nieuwe, geestverwekte situatie die vanaf toen kenmerkend bleek te zijn voor elk lid van Yeshua’s Gemeentelichaam; maar niettemin

2.) nog altijd verkerend in zijn oorspronkelijke Adamitische staat.

 

Een uitverkoren Bruid uit Moab

 

Volgens velen is het boek Ruth het mooiste verhaal in de hele Bijbel. Ruth was een Heidense vrouw uit Moab die binnen een Hebreeuws gezin trouwde. Hoe kon zoiets plaats vinden?

In die tijd heerste er namelijk een hongersnood in Israël; de familie van Elimelek hoopte daaraan te ontsnappen door vanuit Bethlehem naar Moab te verhuizen.

Die gebeurtenissen vonden plaats in de periode dat de rechters het land regeerden ná de dood van Jozua. Het was een tijd van diepe morele en geestelijke achteruitgang (Ruth 1:1).

 

Maar Elimelek en ook de beide zonen van Naomi stierven in Moab. Toen zij vernam dat YHWH Elohim weer ‘omzag’ naar zijn volk, koos Naomi ervoor terug te keren naar haar huis in Bethlehem. Bij Ruth drong zij er op aan bij haar eigen volk te blijven, zoals Orpa had gedaan. Maar Ruth toonde zich vastbesloten om haar te vergezellen; ja, aan haar zijde te blijven totdat de dood hen scheidde:

 

Dring er bij mij niet op aan je te verlaten door terug te keren van achter jou. Waarheen jij gaat, zal ik gaan en waar jij vernacht zal ik vernachten. Jouw volk is mijn volk en jouw God mijn God.

 

Het was oogsttijd toen zij in Bethlehem aankwamen. Volgens het recht van de armen ging Ruth er in de velden opuit om voedsel te verzamelen door aren te ‘lezen’.

In die periode vond ze gunst bij Boaz, een rijke landeigenaar. Hij stond haar toe om zelfs tussen de schoven van het veld op te lezen.

 

 

Nadat Ruth (zinnebeeldig) van Pesach tot Pinksteren (1:22 en 2:23) onder Boaz’ leiding op het veld in de oogst had gearbeid, wilde zij zowaar hemzelf. Hoe kon dat? 

Omdat Boaz tot Naomi’s familie behoorde en daarom een Losser was! Voor Ruth - een arme buitenlandse die in Israël niets anders te verwachten had dan een blijvend weduwschap – hield een en ander een geweldige ommekeer in!


Dus ging zij op aanwijzing van Naomi naar de dorsvloer om – zoals in de Joodse traditie wordt geleerd - in de nacht van Pinksteren, het oogstfeest - aan de voeten van Boaz te liggen.

Op het cruciale moment claimde Ruth het zwagerhuwelijk met hem >> Je bent immers Losser!

Boaz erkende haar claim als een naaste bloedverwant die het recht had om dat te doen.

Dat bleek de volgende morgen toen de ‘zaak’ in de poort van de stad, in de tegenwoordigheid van de Oudsten, werd beslecht.

Na verenigd te zijn in het huwelijk baarde zij Boaz een zoon, Obed, de grootvader van David, de koning.

 

Het boek Ruth is dan ook het verhaal geworden van een Heidense bruid in een vreemd land, die begon met alleen haar geloof. Maar met haar hele ‘story’ voerde ze een profetisch beeld op van de (overwegend) Heidense Bruid van Christus, zijn Gemeente.

Kennelijk in de Pinksternacht kwam zij naar de dorsvloer en ging aan de voeten van Boaz liggen. Zijn aanvaarding van haar zette een reeks juridische stappen in gang, uitmondend in het huwelijk.

 

 

Ruth was Naomi volledig trouw gebleven. Boaz kende haar reputatie als deugdzame vrouw. Hij voltooide haar gerechtigheid in hun huwelijk en maakte haar erfgenaam van de Messiaanse belofte. Een arme vrouw van Moab werd in de lijn van de troon van David gebracht, van waaruit de Messias op een dag over de naties zou regeren.

 

In 1 Korinthiërs 15 lezen we over de Opname van de Ruthgemeente >>

 

51  Zie! Ik vertel jullie een geheimenis: Wij zullen niet allen ontslapen, maar allen zullen wij veranderd worden,

52  in een ondeelbaar momentin een knippering van [het] oog, bij de laatste bazuinWant de bazuin zal klinken en de doden zullen onverderfelijk worden opgewekt en wij zullen veranderd worden.

 

Het feest van Pinksteren blijkt dus heel wat kenmerken te bezitten die – bij nadere beschouwing – steeds weer Gods handelen met de Gemeente suggereren. Om nog eens op te sommen:

Het wordt geassocieerd met; of gemarkeerd door >>

1.) de oogst;

2.) het ten huwelijk nemen van een Heidense bruid;

3.) de geboorte van het aeon [wereldperiode] der Gemeente. 

 

Bijgevolg moet men wel tot de conclusie komen dat Pinksteren in de ogen van God een belangrijk ‘feest’ is.

Maar…, dat de Gemeente ten tijde van dat ‘feest’ naar huis zal worden geroepen lijkt niet waarschijnlijk 

Eerder moeten wij denken aan datgene wat op de Pinksterdag van 33 AD werkelijk plaats vond.

 

In de studie Een mogelijk verloop van de Zeventigste Jaarweek wordt een en ander verduidelijkt, namelijk dat

toen, bij de uitstorting van de geest op de eerste 120 leden, die speciale Gemeente werd gesticht in de zin van een nieuwe geboorte ervaren.

In zijn Efezebrief, hoofdstuk 2, heeft de apostel die geestelijke vernieuwing duidelijk verwoord >>

 

4  Maar God, die rijk is aan barmhartigheid, heeft ons, vanwege zijn diepe liefde waarmee hij ons heeft liefgehad,

5  toen óók wij doden waren in de overtredingen, levend gemaakt tezamen met de Messias – door liefderijke gunst zijn jullie gered –

6  en Hij heeft ons mede opgewekt en mede plaats doen nemen in de hemelsferen in Messias Jezus,

7  opdat hij in de toekomstige eeuwen de allesovertreffende rijkdom van zijn liefderijke gunst zou laten zien in [de] goedheid jegens ons, in Messias Jezus.

8  Want door liefderijke gunst zijn jullie gered, door geloof; en dat niet uit jullie; het is de gave Gods;

9  niet uit werken, opdat niemand zou roemen.

10  Want zijn maaksel zijn wij, in Messias Jezus geschapen voor goede werken, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

 

Paulus werd ooit naar de hemel overgebracht. Zoals hijzelf beschreef; in 2Kor 12 >>

 

2  Ik ken een mens in Masjiach, veertien jaar geleden – hetzij in een lichaam, ik weet het niet; hetzij buiten het lichaam, ik weet het niet; God weet het – die persoon werd weggerukt tot de derde hemel.

3  Zeker, ik ken zulk een mens – hetzij in een lichaam hetzij gescheiden van het lichaam, ik weet het niet, God weet het –

4  dat hij werd weggerukt naar het paradijs en onuitsprekelijke woorden hoorde, welke het een mens niet geoorloofd is te spreken.

5  Over zo iemand zal ik roemen, maar over mijzelf zal ik niet roemen behalve in de zwakheden.

 

'Weggerukt worden’ is de gezegende hoop van alle christenen. De Schrift maakt heel duidelijk dat dit onze bestemming is. En dát zal de grootste historische gebeurtenis zijn sinds de hemelvaart van de Heer zelf. En het zal zeker de trigger zijn die een steeds meer dramatische reeks oordelen in gang zal zetten.

 

In Paulus Tweede brief aan de Thessalonicenzen heeft hij melding gemaakt van een thans nog beperkende kracht – t.w. de aanwezigheid van het Lichaam van Christus - als de sleutelfactor in de timing van hedendaagse gebeurtenissen. De verwijdering ervan zal de drastische veranderingen opleveren die - volgens Gods Woord - het kwaad in de wereld enorm zal verergeren. Maar ook dat alles slechts als een verdere vervulling van profetie.

Met andere woorden, zolang we als Gemeente nog aanwezig en actief zijn, kan de openbaring van de Goddeloze, en ook de goddeloosheid in het algemeen, zich niet ten volle manifesteren.

 

Zoals we allen weten werd Yeshua Mashiach in 33 AD (kennelijk 4035 AM) als het Lam Gods ter dood gebracht.

 

Dat 4035 AM het waarschijnlijke jaar moet zijn waarin Mashiach Yeshua zijn offerandelijke dood ervoer wordt aldus bevestigd >>

In het Anno Mundi jaar 2266 (1737 vóór AD) werd aartsvader Jakob (GW 182) bij het oversteken van de rivier Jabbok voor het eerst Israël (GW 541) genoemd. Het verschil tussen beide GW’s [getalswaarden] is opmerkelijk, t.w. 359 (Satan >> 541 minus 182). Bijgevolg kon het jaar 2266 AM voortaan aangemerkt worden als een nieuw vertrekpunt voor het tellen der jaren van Israëls geschiedenis; in het bijzonder wanneer het zou gaan om tijden van grote nood waaruit alleen God zijn uitverkoren volk van hun vijanden zou kunnen redden.

Het GW verschil tussen 4035 AM en 2266 AM = 1769 jaren. Maar GW 1769 is ook die van Psalm 22:7 waarin naar de (offer)dood van de Mashiach vooruit wordt gehint >> Allen, die mij zien, bespotten mij; zij steken de tong uit en schudden het hoofd.

 

Yeshua’s fervente tegenstanders – de elitaire Joodse religieuze bovenlaag – slaagden rond Pesach van dat jaar 33 AD [4035 AM] er namelijk in de Romeinse landvoogd Pontius Pilatus dermate onder politieke druk te zetten dat hij bezweek voor hun aandrang om Yeshua ‘aan een paal te hangen’ >>

 

Pilatus nu riep hun opnieuw toe, daar hij Yeshua wilde vrijlaten. Maar zij schreeuwden er tegenin, zeggend: Aan de paal, aan de paal met hem! Hij dan richtte zich voor de derde maal tot hen: Wat voor kwaad heeft deze dan toch gedaan? Ik vond in hem geen enkele schuld waar de dood op staat. Dus zal ik hem na tuchtiging vrijlaten. 

Maar zij drongen met luider stem aan, eisend dat hij aan de paal zou worden gehangen; en hun stemmen kregen de overhand. En Pilatus besliste dat aan hun eis voldaan moest worden. Hierop liet hij hem die wegens oproer en moord in de gevangenis was geworpen [en] die zij eisten, vrij, maar Yeshua gaf hij over aan hun wil (Lukas 43:20-25).

 

   

Zevenendertig jaar later stond YHWH Elohim toe dat de Romeinse legers hun Tweede tempel volkomen verwoestten. Ja, zelfs in de mate zoals Yeshua – vlak voor zijn dood – had aangekondigd >>

 

En toen sommigen over de tempel zeiden dat hij met fraaie stenen en gewijde voorwerpen was versierd, zei hij:
Deze dingen die jullie aanschouwen − er zullen dagen komen waarin hier geen steen op steen gelaten zal worden die niet gesloopt zal worden
 
(Lukas 21:5-6; 20-24).

 

Dat gebeurde dus 37 jaar later; in 70 AD of 4072 AM.

Ter aanvulling >>

Over de eerste tempel, die van Salomo, lezen we in 1Kn 9:8 over zijn verwoesting (in 587/586 v.Chr.) : En dit Huis zal een ruïne worden. Ieder die er voorbijgaat, zal zich ontzetten, sissen van afschuw en zeggen: Waarom heeft YHWH zo gedaan met dit land en met dit huis?

Merkwaardig dat de getalswaarde van dit vers nu juist 4072 is!!

 

In Handelingen 2:6 vernemen we wat er op de Pinksterdag van 33 AD [4035 AM] gebeurde toen de heilige geest op de eerste  120 leden van de Christelijke Gemeente werd uitgestort en zij in andere talen dan het Hebreeuws gingen spreken >> Toen dan dat geluid ontstond, kwam de menigte bijeen en was verbijsterd, daar iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken.

De GW (getalswaarde) van dat vers bedraagt 13761.

Maar GW 13761 is ook die van Jh 20:2 >> Op de eerste dag van de week kwam Maria Magdalena vroeg, terwijl het nog donker was, bij het graf en zag dat de steen reeds van het graf was weggenomen.

 

Niet wetend wat er werkelijk had plaats gevonden, lezen we >>

 

Daarom snelde zij heen en kwam bij Simon Petrus en bij de andere discipel, voor wie Yeshua genegenheid had, en zei tot hen: Ze hebben de Heer uit het graf weggenomen, en wij weten niet waar ze hem hebben gelegd.

 

Waarom is dit van belang?

Antwoord: Omdat de gematriabenadering toont dat er een duidelijke verwantschap geconstateerd moet worden tussen Yeshua’s opstanding op 16 Nisan 33 AD en de uitstorting van de geest – 50 dagen later op de dag van Shavuot – op de eerste 120 leden van de Christelijke Gemeente die toen gesticht werd >>

 

In de loop van de Pinksterdag nu waren zij allen op dezelfde plaats bijeen, en plotseling kwam er uit de hemel een gedruis als van een voortgestuwde, stevige bries, en het vervulde het gehele huis waarin zij zaten. En hun werden tongen als van vuur zichtbaar, die werden verdeeld, en op ieder van hen zette zich er één, en zij werden allen met heilige geest vervuld (Hn 2:1-4).

 

Conclusie wederom >> Er is een sterke verwantschap tussen de dag van 16 Nisan en de stichting van de Gemeente, 50 dagen later op Shavuot!

Maar die situatie was ook te verwachten! Waarom?

Omdat volgens de Thorah zowel op 16 Nisan als op de Pinksterdag door de priesterschap in de tempel het beweegoffer moest worden gebracht. In beide gevallen was er sprake van een beweegoffer, maar in Yeshua’s situatie werd daardoor zijn opstanding [op de Derde dag] verzinnebeeld. Naar wij mogen aannemen betekent het beweegoffer van Shavuot iets overeenkomstigs voor Yeshua’s Gemeentelichaam, maar dan in de zin van een nieuwe- of wedergeboorte!

 

Hierboven gaven we dat al eerder aan door te verwijzen naar Efeze 2 >> Hij heeft ons mede opgewekt en mede plaats doen nemen in de hemelsferen in Messias Jezus.

Maar die waarheid wordt op nog verschillende andere plaatsen teruggevonden; t.w.:

 

Of weten jullie niet dat zovelen die in Messias Jezus werden gedoopt, in zijn dood werden gedoopt? Wij werden dan met hem begraven door de doop in de dood, opdat -  evenals Messias uit doden werd opgewekt door de heerlijkheid van de Vader - zo ook wij in een nieuwheid van leven zouden wandelen. Want indien wij samengegroeid zijn in de gelijkheid van zijn dood, zullen wij het beslist ook zijn van de opstanding (Rm 6:3-5).

 

In hem ook werden jullie besneden met een besnijdenis niet door handen verricht, in het wegnemen van het vleselijk lichaam, in de besnijdenis van de Messias. Mede begraven met hem in de doop; in wie jullie ook mede opgewekt zijn door het geloof van de werking Gods, die hem uit de doden heeft opgewekt (Ks 2:11-12).

 

Indien jullie tezamen met de Messias werden opgewekt, zoekt dan de dingen boven, waar de Messias is, gezeten aan Gods rechterhand (Ks 3:1).

 

Verwondert je niet, broeders, indien de wereld jullie haat. Wat ons betreft, wij weten dat wij uit de dood zijn overgegaan in het leven, omdat wij de broeders liefhebben. Wie niet liefheeft, blijft in de dood (1Jh 3:13-14).
 

-.-.-.-

  

woensdag 19 mei 2021

Een mogelijk verloop van de Zeventigste Jaarweek


Attentie: In deze studie worden de datums volgens onze huidige Gregoriaanse tijdrekening gerelateerd aan de Joodse maankalender.

 

Daniëls profetie

Inleiding

Basis

Mogelijke aanvang

De eerste Weekhelft

De tweede Weekhelft

Mogelijk einde / Begin 30 plus 45 dagen

1 Tisjri 6031 AM

De Zonen van Zadok / De visionaire tempel

Het Feest der Trompetten

 

 

Daniëls profetie

 

In de Bijbel worden de specifieke details omtrent Israëls laatste Jaarweek (de 70ste) uitsluitend in het Boek Daniël vermeld; hoofdstuk 9. Gods Woordvoerder is Gabriël die van zichzelf zei dat hij “dicht voor Gods aangezicht staat” (Lk 1:19) >>

 

23   Geef dus acht op de zaak en heb begrip van het gezicht

24   70 zevens zijn toebedeeld betreffende uw volk en uw heilige stad

        om een einde te maken aan de overtreding

        en om zonden te verzegelen

        en om ongerechtigheid te verzoenen

        en om rechtvaardigheid van eeuwen in te voeren

        en om een zegel te drukken op visioen en profetie

        en om een heilige der heiligen te zalven

25   Weet dan en onderscheid: Vanaf uitgaan woord om te

       herstellen en te bouwen Jeruzalem tot aan Messias Vorst

       7 zevens en 62 zevens

       Ze zal opnieuw worden gebouwd, plein en gracht

       maar in druk der tijden

26   En na de 62 zevens zal Messias worden afgesneden

       en niets voor hem

       En de stad en het heiligdom zal verderven het volk van

       vorst die komt en zijn einde in overstroming

       en tot einde oorlog, verordend zijn verwoestingen

27   En naar velen zal hij een verbond kracht bijzetten 1 zeven

       En op de helft van de zeven zal hij doen ophouden

 

Voor een uitvoerig commentaar op die Jaarwekenprofetie, verwijzen we naar de studie >>

Antichrist en Israël – De 70e week cruciaal


Inleiding

 

Hieronder wordt - overigens onder veel voorbehoud - een idee gegeven hoe het verloop van die laatste Week, de 70ste, van die belangwekkende profetie zou kunnen zijn. Omdat destijds zeer waarschijnlijk geen mens zich bewust was van de situering in de tijd van de eerste 7 plus 62 weken - zelfs niet toen zij actueel waren - achten wij het goed mogelijk dat ook het tijdstip van aanvang van de 70ste Week enige tijd niet gesignaleerd zal worden. 

 

Niettemin kan bestudering van de aangevoerde argumenten de lezer stof tot nadenken verschaffen en hem meer inzicht geven in de Bijbelse zaken die bij een dergelijke studie aan de orde zijn.

 

Basis

 

In deze Studie wordt van onderstaande gegevens uitgegaan:

De eerste mens, Adam, werd geschapen in het jaar 4004/4003 vóór onze huidige tijdrekening (of vóór Chr.), kennelijk in ons najaar; wellicht in oktober 4004 v.Chr. Vandaar dat de Anno Mundi tijdrekening (AM) van najaar tot najaar loopt. Het jaar 4004/4003 v.Chr. is bijgevolg het eerste Anno Mundi jaar.

 

Op die grondslag verder redenerend komt het jaar

6023 AM overeen met 2020/2021 AD;

6024 AM met 2021/2022 AD;

6025 AM met 2022/2023 AD;

6026 AM met 2023/2024 AD;

6027 AM met 2024/2025 AD;

6028 AM met 2025/2026 AD;

6029 AM met 2026/2027 AD; 

6030 AM met 2027/2028 AD.  

 

In Rechters 12:8-10 treffen we het verslag aan over rechter Ibzan die gedurende een periode van zeven jaar rechter was over Israël >>

 

En na hem werd Ibzan uit Beth-Lechem rechter over Israël. En hij kreeg dertig zonen en dertig dochters die hij uithuwelijkte. En hij deed van buiten dertig dochters komen voor zijn zonen. En gedurende zeven jaar bleef hij rechter over Israël. Toen stierf Ibzan en werd te Bethlehem begraven.

 

Het feit dat Ibzan gedurende 7 jaar voor Israël als rechter optrad, doet op zich vermoeden dat met dit verslag gezinspeeld wordt op de gebeurtenissen tijdens de 70ste Jaarweek voor Israël.

Het verslag over Ibzan is erg interessant!

 

Vers 9 << En hij kreeg dertig zonen en dertig dochters die hij uithuwelijkte. En hij deed van buiten dertig dochters komen voor zijn zonen. En gedurende zeven jaar bleef hij rechter over Israël  >> heeft namelijk GW (getalswaarde) 6023; kennelijk vooruitwijzend naar 6023 AM, het jaar van het veronderstelde begin van de 70ste Jaarweek!

 

Zie verder de studie Rechter Ibzan.

 

In het voorjaar van 2020 AD zijn we plotseling – en dat ook nog eens wereldwijd - geconfronteerd met het Coronavirus. Daarbij werden we – vrijwel van de ene dag op de andere - herinnerd aan Yeshua’s Eindtijd voorzeggingen, zoals we die aantreffen in Mattheüs 24 en Lukas 21.

Zo lezen wij in Lk 21:10-11 het volgende: Daarop zei hij verder tot hen: Natie zal opstaan tegen natie en koninkrijk tegen koninkrijk. Er zullen zowel grote aardbevingen zijn als in verschillende plaatsen hongersnoden en pestuitbraken. Verschrikkelijke gebeurtenissen zullen zich voordoen, alsook vanuit de hemel grote tekenen.

 

Uiteraard zullen we moeten afwachten hoe een en ander zich verder gaat ontwikkelen, maar kenners van Bijbelprofetie denken bij die Eindtijdtekenen onmiddellijk ook aan het feit dat er voor de natie Israël nog een 70ste Jaarweek moet aanbreken; direct verband houdend met haar terugkeer en herstel volgens Gods voornemen!

Een treffende passage dienaangaande treffen we aan in het Bijbelboek Hosea >>

 

En ik [YHWH Elohim] zeg tot haar [Gomer; een profetisch beeld van overspelig Israël]: Vele dagen zul je bij mij zitten, zonder te hoereren of aan een man toe te behoren. En zo zal ik tegenover jou zijn. Want de zonen van Israël zullen vele dagen zonder koning en zonder vorst en zonder slachtoffer en zonder zuil en zonder efod en terafim wonen. Daarna zullen de zonen van Israël terugkeren en YHWH hun God en David, hun koning, zoeken; en bevend zullen zij tot YHWH en tot zijn goedheid komen, in het laatst der dagen. 

 

Mogelijke aanvang

 

Voor alle duidelijkheid het volgende:

Geteld vanaf het begin der 70ste Jaarweek moeten er, op grond van Daniëls Eindtijdprofetie - volgens Daniël 12 - 2595 dagen verlopen tot het begin van het in het boek Openbaring aangekondigde Millenniumrijk van de Messias.

In Openbaring 20:1-3 lezen we immers:

 

En ik zag een engel neerdalen uit de hemel in het bezit van de sleutel der afgrond en een grote keten op zijn hand. En hij maakte zich meester van de Draak, de oude Slang, die Duivel en de Satan is, en hij bond hem duizend jaren. En hij wierp hem in de afgrond en sloot en verzegelde [die] boven hem opdat hij de Heidenvolken niet langer zou misleiden totdat de duizend jaren voleindigd zijn; daarna moet hij een korte tijd worden losgelaten.

 

Daniël 12:11-12 verschaft ons de sleutel voor de 2595 dagen. Alweer Gabriël die tot Daniël het volgende zei >>

 

En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht [op de Helft van de Week; nadat er 1260 dagen zijn verlopen], zullen er 1290 dagen zijn [1260 dagen van de Tweede Weekhelft plus 30 dagen daaraan toegevoegd]. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt [ná nog eens ‘extra’ 45 dagen]!

 

De eerste Weekhelft

 

De eerste 110 dagen:

Vanwaar die 110 dagen waarmee, naar wij veronderstellen, de 70ste Week zal beginnen?

Het is wederom het Boek Daniël dat we dienaangaande worden geïnformeerd.

Duidelijk is dat elke Weekhelft op zich 1260 dagen omvat (3½ x 360 dgn = 1260), maar die Eerste weekhelft moet evenwel verdeeld worden in 110, respectievelijk 1150 dagen? Waarom?

 

Antwoord: Het heeft alles te maken met die zeer aparte profetie in Daniël 8, betrekking hebbend op de tamid, het dagelijks morgen– en avondoffer binnen de Mozaïsche tempeldienst.

Zoals hierboven, bij Daniëls profetie werd vermeld in vers 27, zagen we dat de Antichristelijke Eindtijdmacht bij de aanvang van de 70ste Week, zal trachten om bij de ongelovige Joodse meerderheid – zij die halsstarrig niets willen weten van Yeshua als de ware Mashiach – in het gevlei te komen. Hoe?

Door alles in het werk te stellen om de offerdienst volgens de Mozaïsche Wetgeving te laten herleven. Vers 27 van Daniël 9 begint immers aldus: En naar velen zal hij een Verbond kracht bijzetten één zeven

Dus ogenschijnlijk voor de volle 70ste Week! Maar in werkelijkheid zal dat niet gaan gebeuren. Waarom niet?

 

Allereerst omdat in datzelfde vers (27) bij voorbaat aan ons wordt onthuld dat hij al op de helft van de Week zijn belofte aan Israël zal verbreken: En op de helft van de zeven zal hij doen ophouden slachtoffer en spijsoffer.

Maar dat is niet de enige factor die oorzaak is dat de oude Mozaïsche offerdienst niet de volle Week in praktijk kan worden gebracht! Om de Joden gunstig te stemmen en het Oude Verbond kracht bij te zetten heeft hij namelijk ook enige tijd nodig. Kennelijk de eerste 110 dagen van de Jaarweek. Hoe dat zo?

 

Het betreft de al eerder genoemde tamid, het dagelijks offer, waarover Israëls priesterschap destijds in Exodus 29:38-42 en Numeri 28 uitvoerige aanwijzingen ontving.

Volgens Daniël, hoofdstuk 8, zal er op de Helft van de Week een einde komen aan de 1150 dagen waarin die tamid actueel zal zijn, waarschijnlijk dus binnen de offerdienst van de dan (weer) opgerichte (Derde) Joodse tempel.

Maar wat is er met die tamid precies aan de hand?

 

In Dn 8:12, volgens de NBG, vernemen we wat de gevolgen zullen zijn van het verschijnen van de Hellenistische Kleine Horen, alias de Antichristelijke Eindtijdmacht, met name in de verschijning van de Valse Profeet van Op 13:11-13.

Die Kleine Horen zal zich uitermate verheffen, en op de Helft van de Week zal hij de tamid wegnemen en wel nadat gedurende 2300 avond-morgens - overeenkomend met 1150 dagen - die offerdienst juist weer had plaatsgevonden. Kennelijk in de Derde tempel en bovendien bevorderd door die Antichristelijke Eindtijdmacht.

 

Wat is daarvoor de verklaring? Waarom wordt die offerdienst na verloop van 1150 dagen alweer afgebroken? Een en ander heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat – volgens Openbaring 12 - op de Helft van de Week het Davidische Messiasrijk wordt opgericht en Satan – met zijn demonenschaar – als resultaat van een hemelse oorlogvoering naar de aarde wordt geslingerd; dus blijvend verwijderd uit de heilige hemelsferen!

 

Uit het volgende hoofdstuk (13) van de Openbaring wordt duidelijk dat de Draak (Satan, de Duivel) in zijn grote toorn niettemin tot verdere actie zal overgaan om de Heidenvolken te misleiden. Hoe?

Yeshua zelf gaf dat aan in zijn Eindtijdrede: Satan zal dan – kennelijk in de herbouwde Derde tempel - de verwoestende gruwel ‘plaatsten’.

Zowel in Dn 11:31 als in 12:11 wordt die gang van zaken voor ons bevestigd. De volgorde is steeds: Het wegnemen van de tamid, en in plaats daarvan het plaatsen van de verwoestende gruwel.

 

Vandaar dus de 1150 dagen [of 2300 avonden-morgens]: 1260 minus de 110 dagen!

En die eerste 110 dagen moeten wellicht geteld worden vanaf 14 Augustus 2021 AD. Volgens de Joodse kalender direct ná de bijzondere datum 5 Elul 6023 AM. Waarom?

 

We gaan er immers vanuit dat 4004/4003 v.Chr. jaar 1 is volgens de Anno Mundi kalender. Toen nam Gods Grote Rustdag van 7000 jaar kennelijk een aanvang. Bijgevolg moet op 1 Tishri 6031 AM de laatste 1000 jaar van die Zevende Dag beginnen.

Die datum komt overeen met 21 september 2028 AD.

Rekenen we vervolgens vanaf 29 Elul 6030 AM ( overeenkomend met 20 september 2028 AD ) 2595 dagen terug, dan blijkt inderdaad dat de 70ste Jaarweek direct dient te starten ná 5 Elul 6023 AM.

 

Voor de eerste 110 dagen, te tellen vanaf 14 Augustus 2021 AD, komen we dan uit op 1 December 2021 AD, overeenkomend met 27 Kislev 6024 AM.

Omdat elke weekhelft uit 1260 dagen bestaat, resteren er nog 1150 dagen. We arriveren dan bij 24 januari 2025 AD en die datum komt overeen met 24 Sjebat 6027 AM.

 

Op precies die datum, 24 Sjebat, ontving de profeet Zacharia een bijzonder visioen waarin YHWH Elohim ondermeer toezei dat Hij met barmhartigheden tot Jeruzalem zou terugkeren. Zie Zacharia 1, vanaf vers 7.

Dat zou een bevestiging kunnen inhouden van Openbaring 12:5-6, t.w. de vestiging van het Mashiachrijk.

 

 

De tweede Weekhelft

 

Gesuggereerde Helft: Aanvang 25 januari 2025 AD, overeenkomend met 25 Sjebat 6027 AM.

 

Naar wij verwachten zal Gods Zoon, Yeshua Mashiach, precies dán als koning worden geïnstalleerd in het voorzegde Mashiachrijk.

Uit andere Schriftdelen weten wij namelijk 

• dat onder de heerszuchtige leiding van de (nog te verschijnen) Antichristelijke macht, de Pseudomashiach - aan wie het merendeel der Eindtijd Joden hun toewijding zullen geven – alsnog een Derde tempel zal worden opgericht;

• dat in die Derde tempel aanvankelijk de Joodse eredienst volgens de Mozaïsche wetgeving hervat zal worden;

• dat op de helft van de Jaarweek die voor God onrechtmatige offercultus zal worden weggenomen en dat in de plaats daarvan de verwoestende gruwel zich in dat ‘heiligdom’ als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren (Op 13:11-13).

 

Door al die ontwikkelingen zullen de voor de 70ste Week aangekondigde onheilen uiteraard aanzienlijk toenemen, geheel in overeenstemming met wat door Daniël in Dn 9:27 profetisch werd aangekondigd als onderdeel van de zogeheten Jaarwekenprofetie:

 

En naar velen zal hij een verbond kracht bijzetten één zeven. En op de helft van de zeven zal hij doen ophouden slachtoffer en spijsoffer. En op vleugel van gruwelen een verwoester en tot voleinding zal wat vast besloten is uitgestort worden op de verwoester.

 

In zijn Eindtijdrede heeft ook Mashiach Yeshua zelf naar die (nu nog) profetische gebeurtenis verwezen, daarmee het gevaar ervan uitermate onderstrepend. In zijn rede over de laatste dagen, verwees hij naar die Jaarwekenprofetie, specifiek naar dat zelfde vers 27, met de woorden:

 

Wanneer jullie dan de verwoestende gruwel waarover door Daniël, de profeet, werd gesproken, in een heilige plaats zien staan…, laten dan zij die in Judea zijn vluchten naar de bergen.

(Mt 24:15-16)

 

Maar voor ons is verder van belang dat we uit het verloop van dat 24ste hoofdstuk van het Mattheüs’ Evangelie tevens kunnen afleiden dat Yeshua’s gedachten bij de helft van die 70ste Week moeten hebben verwijld toen hij melding maakte van die verwoestende gruwel

En verder weten we ook uit de Schrift dat die verwoestende gruwel zich als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren.

 

Maar…, er zal dan nog veel meer aan de hand zijn:

Op de helft van die laatste beslissende Jaarweek zal ook het Davidische koninkrijk worden opgericht, met Yeshua Mashiach op de troon (Psalm 2).

Op 11:15-17 laat het ons bij voorbaat weten:

 

En de zevende engel blies de trompet en luide stemmen geschiedden in de hemel zeggend: Het koninkrijk der wereld werd van onze Heer en van zijn Mashiach, en hij zal als koning regeren tot in alle eeuwigheid. En de vierentwintig Oudsten die vóór God op hun tronen zitten, vielen op hun aangezicht en aanbaden God zeggend: Wij danken u Heer God, de Almachtige, Die is en Die was, dat gij uw grote kracht hebt opgenomen en als koning zijt gaan regeren.

 

De profetie van Zacharia 9 zal met dat glorierijke gebeuren eveneens worden vervuld >>

 

Zc 9:8

En ik wil mij als een voorpost voor mijn huis legeren, zodat er niemand zal zijn die doortrekt en niemand die terugkeert; en er zal geen taakoplegger meer door hen heen trekken, want nu heb ik [het] met mijn ogen gezien.

3908

Zc 9:9

Verblijd u zeer, o dochter van Sion. Juich in triomf, o dochter van Jeruzalem. Zie! jullie koning komt tot jullie. Hij is rechtvaardig, ja, gered; nederig en rijdend op een ezel, ja, op een volwassen dier, het jong van een ezelin.

4833

Zc 9:10

En ik zal stellig [de] strijdwagen afsnijden uit Efraïm en [het] paard uit Jeruzalem. En de strijdboog moet afgesneden worden. En hij zal werkelijk vrede spreken tot de Heidenvolken; en zijn heerschappij zal zijn van zee tot zee en van de Rivier tot de einden der aarde.

5686

 

De totale gematriawaarde is zeker interessant, t.w. >> 3908 + 4833 + 5686 = 14427, overeenkomend met die van Lukas 12:46 >>

[Indien die slaaf echter in zijn hart zou zeggen: Mijn heer talmt te komen, en zou beginnen de knechten en de dienstmeisjes te mishandelen, te eten en ook te drinken en dronken te worden] zal de Heer van die slaaf komen op een dag waarop hij het niet verwacht en op een uur dat hij niet kent, en hij zal hem ten strengste straffen en hem het lot der trouwelozen doen delen.

 

Zowel het Zacharia fragment, als Lukas 12, zijn duidelijk beide Eindtijdgericht.

Dat houdt ondermeer in dat de gebeurtenis op Palmzondag 33 AD het karakter van een ‘voorproef’ had. De werkelijke vervulling komt op de helft van de 70ste Week, waarmee dan ook een einde komt aan de Zeven Tijden van (7 x 600) 4200 jaar die (kennelijk) in 1827 AM - bij de Spraakverwarring - waren begonnen. 

 

Zie: Spraakverwarring en Tijden der Heidenen 

 

En eventueel de meer uitvoerige Engelse studie:

Confusion of Tongues and the Seven Times

 

De oprichting van dat Messiaanse Rijk zal echter ook aanleiding zijn voor:

 

* de prediking van dat herstelde koninkrijk Gods, zoals door Yeshua zelf werd aangegeven in zijn Eindtijdrede (Mt 24:14). Zie ook Jesaja 9, vooral vanaf vers 5.

 

* oorlogvoering in de hemel, als resultaat waarvan Satan en zijn engelen zullen worden neergeslingerd op de aarde. Het aardse deel van de ‘Vrouw’ zal dan naar de wildernis vluchten, waar zij - buiten het gezicht van de Slang - 1260 dagen gevoed zal worden; dus de volle tweede helft van de Week (Op 12:5-14 en 13:5-7).

 

Op de Helft van de Week wordt echter niet alleen het Koninkrijk opgericht, maar wordt met Israël ook het Huwelijksverbond vernieuwd.

In Hl 6:3 wordt die vernieuwing schitterend door de Bruid (Israël) zelf verwoord: Ik ben van mijn beminde, en mijn beminde is van mij. Hij weidt tussen de lelies.

En dat in tegenstelling tot Hl 2:16, waar de intimiteit eerder een initiatief is van de Bruidegom.

 

YHWH Elohim hernieuwt zijn verhouding tot het volk op grond van de superieure condities van het Nieuwe Verbond. Hun dwaling en zonde laat hij achter zich; die gedenkt hij niet langer. Integendeel, hij begunstigt hen met ongekende nieuwe gelegenheden (Jr 31:31-34). Zie: Het Nieuwe Verbond  

 

Door een Joods Overblijfsel dat zich werkelijk door de geest van dat Nieuwe Verbond zal laten leiden zal, zoals aangekondigd in Mt 24:14, het dan opgerichte Messiasrijk in de gehele oikoumenè gepredikt worden tot een getuigenis voor alle Goyim.

In Micha 2:12-13 lezen we hoe YHWH Elohim daartoe de geëigende maatregelen zal treffen >>

 

Mc 2:12

Ik zal Jakob beslist vergaderen, in zijn geheel; ik zal het overblijfsel van Israël zonder mankeren bijeenbrengen. In eenheid zal ik hen stellen, als schapen in de kooi, als een kudde midden in haar weide; het zal er gonzen van mensen.

 

Mc 2:13

Hij die een doorbraak maakt, zal stellig vóór hen optrekken: Zij zullen werkelijk doorbreken. En zij zullen door een poort trekken, en zij zullen daardoor uitgaan. En hun koning zal vóór hen doortrekken, met YHWH aan hun spits.

 

 

 

Mogelijk einde / Begin 30 plus 45 dagen

 

Gesuggereerd Einde7 Juli 2028 AD, overeenkomend met 13 Tammuz 6030 AM

 

De 3½-jarige Grote Verdrukking komt ten einde (Dn 7:25; 12:7; Op 12:1413:5-7).

De Grote Menigte van Op 7:9-17 welke uit die Grote Verdrukking komt, wordt gezien, dienend in Gods tempelheiligdom (de vv 13 tm 15):

 

En één uit de Oudsten antwoordde, zeggend tot mij: Dezen die gehuld zijn in de witte gewaden, wie zijn zij en vanwaar kwamen zij? En ik heb tot hem gezegd: Mijn Heer,  gij weet [het]. En hij zei tot mij: Dezen zijn zij die komen uit de Grote Verdrukking, en zij wasten hun gewaden en maakten ze wit in het bloed van het Lam. Om die reden zijn zij vóór de troon van God en verrichten zij dag en nacht voor hem heilige dienst in zijn tempelheiligdom.

 

Die dienst door die Grote Schare was feitelijk al eerder begonnen, namelijk vanaf de helft van de 70ste Week toen het Messiaanse koninkrijk werd opgericht. We zagen al eerder – bij het commentaar op de Helft van de Jaarweek – dat het Joodse Overblijfsel dan Mt 24:14 zal vervullen, zoals Jezus zelf aangaf in zijn Eindtijdrede (Mt 24:14).

 

Overigens lijken de woorden dag en nacht, gesproken door één uit de Oudsten, heel doelbewust precies zó geuit te zijn om de lezer te herinneren aan Daniël, hoofdstuk 8.

 

De extra 30 plus 45 dagen

 In Daniël 12:11 lezen we daarover het volgende >>

 

En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht [op de Helft van de Week], zullen er 1290 dagen zijn. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt!

 

Het bereiken van die 1335 dagen geschiedt uiteindelijk op 20 September 2028 AD of 29 Elul 6030 AM.

De volgende dag, 1 Tishri 6031 AM (21 September 2028 AD) begint dan het Millennium volgens Op 20:1-3.

Voor Daniël persoonlijk hield dat het volgende in:

 

Maar jij moet doorgaan tot het einde. Je zult rusten en opstaan tot je bestemming aan het einde der dagen.

 

Gods Woord laat ons verder zien dat tijdens de 75 dagen die moeten volgen ná het Einde van de Week, nog een aantal zeer gewichtige gebeurtenissen plaats zullen vinden. Allereerst denken we dan aan datgene wat er – in de vorm van oordeel - volgens Yeshua zou volgen, onmiddellijk ná het einde van de 3½-jarige Grote Verdrukking:

 

Onmiddellijk na de verdrukking van die dagen zal de zon worden verduisterd, en de maan zal haar licht niet geven, en de sterren zullen van de hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen worden geschokt. En dan zal het teken van de Mensenzoon in de hemel verschijnen en dan zullen alle stammen der aarde zich [in weeklacht op de borst] slaan en zij zullen de Mensenzoon zien, komende op de wolken des hemels, met kracht en veel heerlijkheid.

(Mt 24:29-30) 

 

1 Tishri 6031 AM

 

Maar…, wat zou er mogelijk tijdens de extra 75 dagen (30 + 45) nog kunnen geschieden?

Allereerst moeten we vaststellen dat, gerekend vanaf het begin van de Jaarweek en helemaal tot het einde van de genoemde 75 dagen, er dan in totaal 2595 dagen verstreken zullen zijn ( 2 x 1260; plus 30; plus 45).

Bij nader onderzoek blijkt een en ander teruggevoerd te kunnen worden op het profetische woord in Daniël 12, want aldaar vernamen we al eerder iets over het geluk dat de Joodse Eindtijdgelovigen ten deel zal vallen; zij die getrouw volharden, zoals dat tekstgedeelte aangeeft: Zij die de 1335 dagen bereiken.

 

Profetisch aangevend wat er zou gebeuren vanaf het Midden der Week, dus na de eerste 1260 dagen, sprak de openbaringsengel tot Daniël het volgende:

 

En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht [op de Helft van de Week], zullen er 1290 dagen zijn [de extra 30 dagen zijn dan voorbij]. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt [ná nog eens ‘extra’ 45 dagen]!

 

Twee zaken komen hier onder onze aandacht: Allereerst de hoopvolle perspectieven voor Daniël persoonlijk. Hij zou zijn loopbaan als Gods profeet geheel voltooien in getrouwheid. Vervolgens zou hij ‘rusten’ in de dood tot de tijd dat voor hem de opstanding zou aanbreken. Maar ook daarna zou YHWH Elohim hem opnieuw gebruiken, en wel in een voor hem al bij voorbaat gereserveerde bestemming!

 

Uiteraard geldt die goddelijke belofte niet slechts voor Daniël, maar natuurlijk ook voor de vele andere getrouwe mannen en vrouwen uit vroegere tijden, precies zoals ons ook in Hb 11:39-40 wordt verzekerd:

En deze allen, hoewel zij door het geloof getuigenis ontvingen, verkregen de belofte niet, daar God voor ons iets beters voorzag, opdat zij niet zonder ons tot volmaaktheid zouden worden gebracht.

 

En in de tweede plaats wordt ons - de huidige lezers van deze slotverzen in het Boek Daniël - onthuld dat het einde van de vermelde profetische 1335 dagen precies ook dán bereikt worden. Kennelijk ten tijde van de opstanding van die vroegere getrouwen! Maar die verwachting kan men logischerwijs slechts in verband brengen met de perspectieven die de Bijbel oproept in samenhang met het herstelde Davidische koninkrijk van duizend jaar én de aanvang van het Millenium!

 

De Zonen van Zadok / de visionaire tempel

 

In onze telling van de dagen stelden we vast dat de 1335 dagen, respectievelijk de 2595 dagen, beide eindigen op 20 september 2028 AD, overeenkomend met 29 Elul 6030 AM. De volgende dag,1 Tisjri 6031 AM, is dan dag één van het Millenniumrijk van de Mashiach.

Maar met betrekking tot die 2595 dagen lijkt Ezechiël 44:20 ons nog wat extra informatie te verschaffen. In die tekst worden de zonen van Zadok namelijk gunstig vermeld. Blijkbaar de reden waarom ook juist zij in de visionaire tempel van de toekomst als de hemelse priesterschap zullen dienen. In die tekst worden zij immers nader omschreven als de Levitische priesters, de zonen van Zadok.

Binnen de context van Ez 44 lezen we >>

 

En wat de Levitische priesters, de zonen van Zadok, betreft - die de plicht ten opzichte van mijn heiligdom waarnamen toen de zonen van Israël van mij afdwaalden - zij zullen tot mij naderen om mij te dienen, en zij moeten voor mijn aangezicht staan om mij vet en het bloed aan te bieden, luidt het woord van de Heer YHWH. Zij zijn het die in mijn heiligdom zullen komen… (20) En hun hoofd dienen zij niet te scheren, en het hoofdhaar dienen zij niet los te dragen. Zij dienen in elk geval hun hoofd te knippen.

 

De GW (gematria- of getalswaarde) van vers 20 is 2595, en wellicht mogen we dat als een vingerwijzing opvatten die naar de 2595 dagen leidt. De extra reden die we daarvoor menen te hebben is de datum welke gekoppeld is aan Ezechiëls visioen van de toekomstige tempel. Zie Ez 40:1-2 >>

 

In het vijfentwintigste jaar van onze ballingschap, in het begin van het jaar, op de tiende van de maand, in het veertiende jaar nadat de stad was geslagen, op deze zelfde dag bleek de hand van YHWH op mij te zijn, zodat hij mij naar die plaats bracht. In de visioenen van God bracht hij mij naar het land Israël en zette mij ten slotte neer op een zeer hoge berg, waarop iets was gelijk de bouw van een stad, tegen het zuiden.

 

Datgene wat geleek op de bouw van een stad, blijkt ons bij voorbaat een idee te geven van de Tempelstad Nieuw Jeruzalem, zoals beschreven in Openbaring 21, maar dan vanuit Israëls aardse standpunt bezien!

 

Het Feest der Trompetten

 

Bij nader inzien lijkt het alleen maar voor de hand te liggen dat de Laatste (70ste) Jaarweek moet eindigen bij het begin van het Millenniumrijk. Waarom ? Omdat door Israël elk jaar, op 1 Tishri, ook het zogeheten Feest der Trompetten moest worden gevierd. Een enigszins mysterieus ‘feest’ overigens, aangezien alle eeuwen door niet echt helder is geworden wat YHWH Elohim met die ‘viering’ precies beoogde!

De summiere details omtrent dat eerste ‘najaarsfeest’ lezen we in Leviticus 23 >> 

 

In de zevende maand, op de eerste der maand, zult gij een sabbat hebben, een gedenkdag van trompetgeschal, een heilige samenkomst.

 

Voor de geïnteresseerde lezer hieronder alle details en de gematria resultaten (Lv 23:23-25) >>

 

Lv 23:23

En YHWH sprak tot Mozes, zeggend:

895

Lv 23:24

Spreek tot de zonen van Israël, zeggend: In de zevende maand, op de eerste van de maand, zult gij een sabbat hebben, een gedenkdag van trompetgeschal, een heilige samenkomst.

4766

Lv 23:25

Geen enkel soort van zwaar werk moogt gij verrichten, en gij moet een vuuroffer aan YHWH aanbieden.

2544

 

Totaal GW (getalswaarde): 8205 (895 + 4766 + 2544).

Heel opmerkelijk kan het genoemd worden dat die GW correspondeert met die van 2 Thess 2, vers 6 >> En nu weten jullie wat [hem - de Mens der Wetteloosheid; de Antichristelijke figuur van de Eindtijd -] weerhoudt, opdat hij op zijn eigen tijd geopenbaard wordt. De verschijning van die mysterieuze figuur op het religieuze wereldtoneel van de Eindtijd hangt immers samen met de Opname van Jezus’ Gemeentelichaam, aangezien dan wat weerhoudt weggenomen zal zijn!

 

Overigens is het veelzeggend dat, wat de Joden betreft, er rond dat eerste ‘najaarsfeest’ - een gedenkdag van trompetgeschal - een waas van geheimzinnigheid hangt! Niet alleen omdat dit ‘feest’ alleen in dit Bijbelgedeelte wordt genoemd, wat op zich reeds uitzonderlijk is, maar vooral ook omdat in het geheel niet wordt vermeld met welk doel die gedenkdag jaarlijks door Israël onderhouden moest worden!

 

Achteraf bezien wellicht begrijpelijk indien het YHWH Elohims bedoeling was dat het ‘feest’ moest vooruitwijzen naar het laatste trompetgeschal voor het bijeenroepen van de aardse Joodse Gemeente.

Uit Openbaring 20 blijkt immers dat bij de aanvang van het Davidische Millenniumrijk de Eerste opstanding zal plaats hebben:

 

En ik zag tronen en zij namen daarop plaats, en hun werd rechterlijk oordeel verleend. En [ik zag] de zielen van hen die met de bijl ter dood gebracht waren wegens het getuigenis van Yeshua en wegens het woord van God en die noch het Beest noch zijn Beeld aanbaden en die het kenteken niet op het voorhoofd en op hun hand ontvingen. En zij kwamen tot leven en heersten als koningen met de Messias duizend jaren.

(De overigen der doden kwamen niet tot leven totdat de duizend jaren ten einde waren).

Dit [is] de eerste opstanding. Gelukkig en heilig hij die deel heeft aan de Eerste opstanding; over dezen heeft de Tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van de Messias zijn en zij zullen de duizend jaren met hem als koningen heersen (Op 20:4-6).

 

Zie svp ook het commentaar bij dat Schriftdeel.

Naar wij verwachten zullen de Joodse heiligen op aarde dan ook rond 1 Tishri 6031 AM ‘gereed staan’ om zich volkomen te richten op het gezegende ‘oordeelswerk’ van het Millenniumrijk.

Achteraf bezien zal dan blijken dat het ‘mysterieuze’ Feest der Trompetten als ‘opmaat’ diende voor de twee overige ‘Najaarsfeesten’, namelijk Yom Kippur (de Verzoendag) en het Loofhuttenfeest, maar dan in hun duizendjarige tegenbeeld. 

 

Naar wij verwachten zullen de ‘heiligen’ in de hemel - alle leden van de Christelijke Gemeente - al enige tijd eerder de Opname hebben ervaren.

Veelal wordt het tijdstip voor die sensationele verdwijning van het wereldtoneel, zoals beschreven in 1Th 4:13-17, in verband gebracht met de aanvang van de 70ste Jaarweek. De achterliggende gedachte is dat de belemmering voor de verschijning van de Antichristelijke Eindtijdmacht dan ‘weggenomen’ zal zijn, zoals profetische beschreven in 2Th 2:1-12.

In vers 6 van die passage is sprake van wat weerhoudt en in vers 7 van die weerhoudt; in beide gevallen doelend op de kracht van Gods geest welke tijdens het aeon van de Christelijke Gemeente aanwezig is bij de leden van dat Gemeentelichaam.

Maar…, nergens in de Schrift – en dus ook niet in de passage van 2Th 2:1-12 – kan men met zekerheid concluderen dat de Opname van de Gemeente en de verschijning van de Pseudomashiach in tijd samenvallen!

 

Voor de geïnteresseerde lezer verschaffen we hieronder enige gematria resultaten betreffende Leviticus 23, het hoofdstuk waarin de typologie van het Joodse Shavuot (Pinksteren voor Christenen) wordt aangetroffen >>

 

Lv 23:16

Tot de dag na de zevende sabbat moeten jullie tellen, vijftig dagen, en jullie moeten een nieuw graanoffer aan YHWH aanbieden.

4685

Lv 23:17

Uit jullie woonplaatsen moeten jullie twee broden als beweegoffer brengen. Ze dienen uit twee tiende efa meelbloem te bestaan. Ze dienen gezuurd gebakken te worden, als eerste rijpe vruchten voor YHWH.

5664

Lv 23:18

En met de broden moeten jullie zeven gave mannetjeslammeren aanbieden, elk van een jaar oud, en één jonge stier en twee rammen. Ze behoren als een brandoffer voor YHWH te dienen, met het daarbij behorend graanoffer en de daarbij behorende drankoffers, als een vuuroffer tot een rustig stemmende geur voor YHWH. 

5750

Lv 23:19

En jullie moeten één geitenbokje als zondeoffer opdragen en twee mannetjeslammeren, elk van een jaar oud, als gemeenschapsoffer.

3616

 

Totale GW 19715 ≈≈ Jh 20:19 >> Toen het dan laat was op die dag [16 Nisan 33 AD], de eerste dag van de week, en ofschoon de deuren van de verblijfplaats der leerlingen op slot waren uit vrees voor de Joden, kwam Yeshua en stond in hun midden en zei tot hen: Vrede zij jullie.

 

Een heel opmerkelijk resultaat! Waarom?

Omdat de opstandingdag van de Mashiach [16 Nisan 33 AD] hier gerelateerd wordt aan de Pinksterdag van de Gemeente.

In beide gevallen was er, wat de typologie betreft, sprake van een beweegoffer, maar in Yeshua’s situatie werd daardoor zijn opstanding [op de Derde dag] verzinnebeeld. Naar wij mogen aannemen betekent het beweegoffer van Shavuot iets overeenkomstigs voor Yeshua’s Gemeentelichaam!

 

Maar moeten we dan ook wat de Gemeente betreft, aan de opstanding denken? Zeker, maar niet in letterlijke zin!

Veeleer in de zin van een nieuwe geestelijke geboorte.

In zijn Efezebrief, hoofdstuk 2, heeft de apostel die geestelijke vernieuwing duidelijk verwoord >>

 

4  Maar God, die rijk is aan barmhartigheid, heeft ons, vanwege zijn diepe liefde waarmee hij ons heeft liefgehad,

5  toen óók wij doden waren in de overtredingen, levend gemaakt tezamen met de Messias – door liefderijke gunst zijn jullie gered –

6  en Hij heeft ons mede opgewekt en mede doen plaats nemen in de hemelsferen in Messias Jezus,

7  opdat hij in de toekomstige eeuwen de allesovertreffende rijkdom van zijn liefderijke gunst zou laten zien in [de] goedheid jegens ons, in Messias Jezus.

8  Want door liefderijke gunst zijn jullie gered, door geloof; en dat niet uit jullie, de gave Gods;

9  niet uit werken, opdat niet iemand zou roemen.

10  Want zijn maaksel zijn wij, in Messias Jezus geschapen voor goede werken, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

 

Zie svp ook de Anno Mundi Jaartelling.

 

-.-.-.-