Veni Domine Iesu

Veni Domine Iesu
De Tent van God bij de mensen en Hij zal bij hen verblijven

vrijdag 6 juli 2018

Een mogelijk verloop van de Zeventigste Jaarweek (Herzien)






Zie allereerst de Studie De 70ste Week cruciaal teneinde een idee te krijgen van de grote waarde die schuilt in de Jaarwekenprofetie die wordt aangetroffen in Daniël 9:24-27.
Hieronder wordt - overigens onder veel voorbehoud - een idee gegeven hoe het verloop van de laatste Week, de 70ste, van die belangwekkende profetie zou kunnen zijn. Omdat destijds zeer waarschijnlijk geen mens zich bewust was van de situering in de tijd van de eerste 7 plus 62 weken - zelfs niet toen zij actueel waren - achten wij het goed mogelijk dat ook het tijdstip van aanvang van de 70ste Week enige tijd niet gesignaleerd zal worden.

Het is dus heel goed mogelijk dat de wijze waarop de 70ste Week zal verlopen, zoals hierna geschetst, foutief zal blijken. Niettemin kan bestudering van de aangevoerde argumenten de welwillende lezer stof tot nadenken verschaffen en hem meer inzicht geven in de Bijbelse zaken die bij een dergelijke studie aan de orde zijn.

We doen ook de aanbeveling om kennis te nemen van de studie
Aan de hand van de Bijbelse chronologie wordt in die Studie het volgende beredeneerd:
1. De eerste mens werd geschapen in het jaar 4007/4006 vóór onze huidige tijdrekening (of vóór Chr.).
2. De AM-jaren lopen van herfst tot herfst, aangezien Adam blijkbaar in het (ons) najaar werd geschapen.
3. De val van de stad Jeruzalem met zijn eerste tempel vond plaats in 587/586 v. Chr.; dus in 3420 AM.
4. Het jaar 6023 AM komt overeen met 2017/2018 AD; 6026 AM met 2020/2021 AD, 6027 AM met 2021/2022 AD en 6030 AM met 2024/2025 AD.
Het eerste jaar van het Millenniumrijk van de Messias begint daarom op 1 Tisjri 6031 AM.

Dat 2017/2018 AD het eerste jaar van de 70ste Jaarweek moet zijn, dus overeenkomend met 6023 AM, kan ook afgeleid worden uit Genesis 38. In dat hoofdstuk worden namelijk de wederwaardigheden van de stam Juda verhaald – te vereenzelvigen met het Joodse volk van thans – maar dan wel in voorafbeeldingen zoals die zich sinds de dood van hun ware Messias in 33 AD (4038 AM) in tegenbeeldige werkelijkheden hebben ontvouwd. Vers 6 van dat hoofdstuk - En Juda nam voor Er, zijn eerstgeborene, een vrouw, genaamd Tamar - heeft namelijk de GW (getalswaarde) 1985. Opgeteld bij 32/33 AD (4038 AM) brengt ons dat naar het jaar 2017/2018 AD (6023 AM).

Zoals vaak het geval is met de hoofdstukken waarin het boek Genesis verdeeld is, kan ook hoofdstuk 38 geassocieerd worden met het spaaknummer waartoe boek 38 behoort. In dit geval Spaak 16, die wordt gevormd door Nehemia (16) Zacharia (38) en Eén Petrus (60).
Bovendien kan het zeker geen toeval zijn dat we, aan de hand van Nehemia 2, kunnen vaststellen vanaf welk tijdstip in de geschiedenis de 70 Jaarweken geteld moesten worden.

En dat voorts 2018/2019 AD dus het tweede jaar van de 70ste Jaarweek is, overeenkomend met 6024 AM, krijgen wij eveneens bevestigd in de geschiedenis van Jozef en zijn broers, maar dan vanuit Genesis 45.
In Gn 45:6 vernemen we immers dat Jozef zijn broers erover inlicht dat zij zich al in het tweede jaar van de voorzegde zevenjarige hongersnood bevinden en dat er nog vijf zullen volgen. Maar in dat zelfde hoofdstuk ontdekken we dat vers 27, zich eveneens afspelend in dát tweede jaar, de GW 6024 heeft.
In de tegenbeeldige toepassing vallen de 7 jaren van grote voorspoed namelijk samen met 7 jaren van hongersnood die zich destijds in Egypte voordeden.
Vergelijk Js 65:13-14.
  
Gesuggereerd Begin16 Augustus 2018 ≈ Elul 6023 AM.

Op grond waarvan komen wij tot die conclusie? 
Ons vertrekpunt is Daniël 12, waar we profetisch iets vernemen over het geluk dat de Joodse Eindtijdgelovigen ten deel zal vallen die getrouw volharden. Zoals dat tekstgedeelte aangeeft: Zij die de 1335 dagen bereiken.
Profetisch aangevend wat er zou gebeuren vanaf het Midden der Week, dus na de eerste 1260 dagen, sprak de openbaringsengel tot Daniël het volgende:

En vanaf de tijd dat het voortdurende [offer] verwijderd is en de verwoestende gruwel is opgericht, zullen er 1290 dagen zijn. Gelukkig hij die blijft verwachten en die de 1335 dagen bereikt! Maar jij [Daniël] moet doorgaan tot het einde. Je zult rusten en opstaan tot je bestemming aan het einde der dagen.

Twee zaken komen hier onder onze aandacht: Allereerst de hoopvolle perspectieven voor Daniël persoonlijk. Hij zou zijn loopbaan als Gods profeet geheel voltooien in getrouwheid. Vervolgens zou hij rusten in de dood tot de tijd dat voor hem de opstanding zou aanbreken. Maar ook daarna zou YHWH Elohim hem opnieuw gebruiken, en wel in een voor hem al bij voorbaat gereserveerde bestemming!

Uiteraard geldt die goddelijke belofte niet slechts voor Daniël, maar natuurlijk ook voor de vele andere getrouwe mannen en vrouwen uit vroegere tijden, precies zoals ons ook in Hb 11:39-40 wordt verzekerd:
En deze allen, hoewel zij door het geloof getuigenis ontvingen, verkregen de belofte niet, daar God voor ons iets beters voorzag, opdat zij niet zonder ons tot volmaaktheid zouden worden gebracht.

En in de tweede plaats wordt ons, de huidige lezers van deze slotverzen in het Boek Daniël, onthuld dat het einde van de vermelde profetische 1335 dagen precies ook dán bereikt worden. Dus ten tijde van de opstanding van die vroegere getrouwen! Maar die verwachting kan men logischerwijs slechts in verband brengen met de perspectieven die de Bijbel oproept in samenhang met het herstelde Davidische koninkrijk van duizend jaar!
Vergelijk Openbaring 20:11-15.

Anders gezegd: De 1335 dagen bereiken blijkbaar hun einde bij de overgang naar het Millennium. Logischerwijs dus op de kalenderdatum 1 Tisjri 6031 AM. Vervolgens moeten we dan ook vanaf precies die datum allereerst 1335 dagen terugtellen - en vervolgens ook nog de 1260 dagen van de Eerste weekhelft - om de datum vast te stellen waarop de aanvang van de 70ste Jaarweek verwacht mag worden. Dus bij elkaar 2595 dagen.
Het resultaat is verrassend: Zoals hierboven al werd aangegeven komen we dan uit op 16 augustus 2018, wat volgens de Joodse kalender de datum 5Elul 6023 AM is. En volgens Ez 8:1 is de vijfde Elul bijzonder te noemen. Waarom? Omdat de profeet Ezechiël op die dag een bijzonder visioen ontving. Hij werd namelijk door Gods geest als het ware overgebracht naar Jeruzalem:

Nu geschiedde het in het zesde jaar, in de zesde [maand], op de vijfde dag van de maand [5 Elul], dat ik in mijn huis zat en de oudsten van Juda voor mij zaten, toen de hand van de Heer YHWH daar op mij viel… Toen hief de geest mij op tussen de aarde en de hemel, en in de visioenen van God bracht Hij mij naar Jeruzalem, naar de ingang van de poort van de binnenste Voorhof die op het Noorden uitziet, waar zich de zetel van het afgodsbeeld van de na-ijver bevond, dat na-ijver oproept… Hij zei tot mij: Mensenzoon, richt je blik naar het noorden! Toen richtte ik mijn blik naar het noorden, en zie, ten noorden van de poort bij het altaar stond aan de ingang dat afgodsbeeld, het voorwerp van na-ijver.

Uit andere Schriftdelen weten wij dat
• onder de heerszuchtige leiding van de (nog te verschijnen) Antichristelijke macht - de Pseudomessias, aan wie het merendeel der Eindtijdjoden hun toewijding zullen geven – alsnog een Derde tempel zal worden opgericht;
• in die Derde tempel aanvankelijk de Joodse eredienst volgens de Mozaïsche wetgeving hervat zal worden;
• op de helft van de Jaarweek dat voortdurende offer zal worden weggenomen en dat in de plaats daarvan de verwoestende gruwel zich in dat ‘heiligdom’ als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren (Mt 24:15Op 13:11-13).

Door al die ontwikkelingen zullen de voor de 70ste Week aangekondigde onheilen uiteraard aanzienlijk toenemen. Indien dan ook die Laatste Week op die bijzondere datum van 5 Elul een aanvang zal nemen, zou daarmee bij voorbaat een krachtige goddelijke waarschuwing afgekondigd worden, aangevend hoe onheilspellend die Week zal verlopen.

Opmerking
Velen vragen zich af of bij het aanbreken van de 70ste Jaarweek ook Jezus’ paroesie een aanvang zal nemen. Voor christenen is dat aanleiding om aan de Opname te denken, vooral aan de profetische beschrijving ervan in 1Th 4:13-18. Uit dat Schriftdeel vernemen wij immers dat die Opname (vrijwel) onmiddellijk zal plaats vinden bij de aanvang van Jezus’ tegenwoordigheid (Grieks: parousia):

Want dit zeggen wij jullie op gezag van een woord van de Heer: Wij, de levenden die overblijven tot in de paroesie van de Heer, zullen de ontslapenen beslist niet voorgaan.
Want de Heer zelf zal met een bevelend roepen, met een stem van [de] aartsengel en met een trompet Gods neerdalen vanaf [de] hemel en de doden in Messias zullen eerst opstaan. Daarop zullen wij, de levenden die overblijven, samen met hen in wolken worden weggerukt, de Heer tegemoet in de lucht. En zo zullen we altijd met [de] Heer zijn.

Uiteraard moet ook in deze zaak afgewacht worden wat de toekomst ons brengen zal, maar het is zeker belangwekkend om te ontdekken dat het Boek Esther ons in deze kwestie kennelijk een hint verschaft.
We verwijzen naar het gedeelte in het Esterverhaal dat wordt aangegeven met het onderkopje: Aandeel christelijke Gemeente. De vermelding van Hegai en Hathach, dienaren die Esther ten dienste stonden in haar verhouding tot de koning is beslist heel bijzonder te noemen.
Bij de Opname van de Gemeente zal iets plaats vinden wat van de zelfde orde is. Wanneer immers de laatste generatie van christenen in wolken is weggerukt, de Heer tegemoet in de lucht - overigens samen met alle vroegere, opgewekte leden van Jezus’ Lichaam - zal de Heer op die wijze eveneens een grondige scheiding veroorzaakt hebben: Al wat op aarde aan ‘Christendom’ achterblijft blijkt dan van de onwaarachtige soort te zijn, en zij die het aanhingen worden ontmaskerd als zijnde ‘namaakchristenen’. 



===============================

Gesuggereerde Helft26 januari 2022 ≈ 24 Sjebat 6027 AM.

Zoals hierboven al werd aangegeven mag kennelijk rond deze datum verwacht worden dat het voortdurend offer in de – te herbouwen - Derde tempel zal worden weggenomen en dat in de plaats daarvan de verwoestende gruwel zich in dat ‘heiligdom’ als ‘god’ zal manifesteren, zodat men ‘god’ rechtstreeks kan vereren. Vanaf die gesuggereerde helft beginnen de 1335 dagen te tellen, maar komt er ook een einde aan de Zeven Tijden van (7 x 600) 4200 jaar die (kennelijk) in 1827 AM - bij de Spraakverwarring - waren begonnen. 

En eventueel de meer uitvoerige Engelse studie:

Maar veel belangrijker nog is het feit dat op dát tijdstip het Messiaanse Koninkrijk zal worden opgericht, wat aanleiding zal zijn voor:
de prediking van dat opgerichte koninkrijk, zoals door Jezus zelf werd aangegeven in zijn Eindtijdrede (Mt 24:14)
* oorlogvoering in de hemel, als resultaat waarvan Satan en zijn engelen zullen worden neergeslingerd op de aarde. Het aardse deel van de ‘Vrouw’ zal dan naar de wildernis vluchten, waar zij - buiten het gezicht van de Slang - 1260 dagen gevoed zal worden; dus de volle tweede helft van de Week (Op 12:5-14 en 13:5-7).

Op de Helft van de Week wordt echter niet alleen het Koninkrijk opgericht, maar wordt met Israël ook het Huwelijksverbond vernieuwd. In Hl 6:3wordt die vernieuwing schitterend door de Bruid (Israël) zelf verwoord: Ik ben van mijn beminde, en mijn beminde is van mij. Hij weidt tussen de lelies.
En dat in tegenstelling tot Hl 2:16, waar de intimiteit eerder een initiatief is van de Bruidegom, blijkens de context Hl 2:10-14.
YHWH Elohim hernieuwt zijn verhouding tot het volk op grond van de superieure condities van het Nieuwe Verbond. Hun dwaling en zonde laat hij achter zich; die gedenkt hij niet langer. Integendeel, hij begunstigt hen met ongekende nieuwe gelegenheden (Jr 31:31-34).


Hieronder vermelden we wat Zacharia, op die kalenderdatum (24 Sjebat), vanaf Zacharia 1:8, in een ‘nachtgezicht” te zien kreeg >>
En zie, een man die op een rood paard reed en hij stond tussen de mirten in de diepte, en achter hem waren rode-, voskleurige- en witte paarden. 
Zacharia’s nieuwsgierigheid naar de betekenis van dit ongewone tafereel was daarmee gewekt (vers 9). Vanaf vers 10 lezen we dan het volgende:
Toen zei de man die stilstond tussen de mirtenbomen: “Het zijn degenen die YHWH eropuit heeft gestuurd om de aarde te doorkruisen”. En ze zeiden tegen de engel van YHWH die tussen de mirtenbomen stond: “We hebben de aarde doorkruist, en de hele aarde is rustig en stil”. 

De ‘man’ die, rijdend op een rood paard, stilstond tussen de mirtenbomen in de diepte, wordt hier geïdentificeerd als de engel van YHWH, d.i. niemand anders dan Gods voornaamste Zoon, Masjiach Yeshua. Vanaf Gn 16:7 zien we hem namens YHWH Elohim geregeld optreden ten behoeve van de aartsvaders en hun nakomelingschap, Abrahams ‘zaad’, het volk Israël. In die functie vertegenwoordigt hij zijn Vader zo rechtstreeks dat hij soms zelf als YHWH wordt aangeduid. Vergelijk Genesis 18.

Mirtenbomen drukken in de Bijbel hoop en verwachting uit. Wat Israël betreft verwijzen ze naar herstel en een glorierijke toekomst. Zie Js 55:13 >> Voor een distel zal een mirt opschieten.
Maar hier, bij Zacharia, staan ze in de diepte, wat wijst op Israëls toenmalige lage situatie in de wereld, vazallen van het machtige Perzische wereldrijk. Maar dat YHWH’s engel hier stilstond in de diepte tussen die mirten, duidt er visionair op dat hij zich bij entussen zijn eigen Volk bevindt. Bovendien zijn er andere engelenmachten bij hem, afgebeeld door de rode-, voskleurige- en witte paarden. 
En dat zij hier tot YHWH’s engel zeggen: We hebben de aarde doorkruist, en de hele aarde is rustig en stil moet blijkbaar opgevat worden in de zin dat zij rapport uitbrengen. Waarover? Over de toestand die buiten Israël in de wereld heerst.

Toen zei de engel van YHWH: “O YHWH van de legermachten, hoe lang zult u uw barmhartigheid nog onthouden aan Jeruzalem en de steden van Juda, die u deze 70 jaar openlijk hebt veroordeeld?”

Deze 70 jaar!
Hoe treffend voor de Eindtijd en de 70ste (de laatste) Jaarweek voor Israël! In mei van 2018 was het immers 70 jaar geleden dat de Zionistische staat Israël werd opgericht. Maar uit alles blijkt dat YHWH Elohim zich niettemin genoodzaakt zag om al die jaren zijn barmhartigheden aan ‘Jeruzalem’ te onthouden. En hoe kon dat ook anders, gezien de algemene houding die binnen religieus Israël al die tijd – al die vele jaren – is blijven heersen ten aanzien van hun ware Masjiach, Yeshua! Kenners weten maar al te goed in welke boosaardige stemming Israëls religieuze bovenlaag nog steeds ten aanzien van Yeshua verkeert!
Maar er is een kentering op komst!

YHWH antwoordde de engel die met mij sprak met vriendelijke, vertroostende woorden. Toen zei de engel die met mij sprak tegen mij: Roep uit. Dit zegt YHWH van de legermachten: “Met grote ijver zet ik me in voor Jeruzalem en voor Sion. Met grote woede ben ik kwaad op de zorgeloze volken, want mijn woede was niet zo groot, maar zij hebben de ellende veel erger gemaakt”.

Die uitspraak voorspelt zeker weinig goeds voor de huidige naties der wereld die maar voortdurend menen dat Israël terecht gewezen moet worden; die binnen de VN steeds maar weer moties van afkeuring jegens Israël indienen!
Maar die Heidenvolken [de Goyim] ontgaat het wat de Psalmist al lang geleden profetisch voorzag voor de huidige Middenoosten situatie:
Mijn voeten waren bijna afgeweken, mijn schreden waren haast uitgegleden! Want ik was afgunstig op de hoogmoedigen, toen ik maar steeds de voorspoed der goddelozen zag... Ik tobde erover om dit te begrijpen, een kwelling was het in mijn ogen, totdat ik Gods heiligdom binnenging omdat ik hun toekomst wilde onderscheiden.
Waarlijk, op een glibberige bodem plaatst gij hen. U doet hen instorten tot puin. Hoe worden zij in een oogwenk tot een voorwerp van ontzetting, bereiken zij hun einde, vergaan door plotselinge verschrikkingen (Psalm 73).

Daarom zegt YHWH: “Ik zal met barmhartigheden naar Jeruzalem terugkeren. Mijn eigen Huis zal er gebouwd worden”, verklaart YHWH van de legermachten, “en er zal een meetlint over Jeruzalem worden gespannen”. Roep nog eens uit en zeg: Dit zegt YHWH van de legermachten: “Mijn steden zullen weer overvloeien van goedheid. YHWH zal Sion opnieuw troosten en Jeruzalem opnieuw uitkiezen”. 

Herstel is in aantocht voor Israël! Vanaf de Weekhelft keert YHWH Elohim met barmhartigheden terug naar Jeruzalem, en zal naast vele andere profetieën van herstel ook Jesaja 40 vervuld worden: Troost, troost mijn volk, zegt uw God. Spreekt tot het hart van Jeruzalem, roept haar toe, dat haar strijd vervuld is, haar dwaling afbetaald. Dat het uit de hand van YHWH dubbel ontvangen heeft voor al haar zonden.
  
=================================================

Gesuggereerd Einde10 Juli 2025 ≈ 14 Tammuz 6030 AM.

De 3½-jarige Grote Verdrukking komt ten einde (Dn 7:2512:7Op 12:1413:5-7).
De Grote Schare van Op 7:9-17 welke uit die Grote Verdrukking komt, wordt gezien, dienend in Gods tempelheiligdom (de vv 13 tm 15).
Maar die dienst kan ongetwijfeld pas echt realiteit worden wanneer eerst de 75 dagen zijn verstreken van Dn 12:11-12 en dus de 1335 dagen worden bereikt op 1 Tisjri van 6031 AM (23 september 2025). 

Gods Woord laat ons verder zien dat tijdens de 75 dagen die moeten volgen op het Einde van de Week nog een aantal zeer gewichtige gebeurtenissen plaats zullen vinden. Allereerst denken we dan aan datgene wat er – in de vorm van oordeel - volgens Jezus zou volgen, onmiddellijk ná het einde van de 3½-jarige Grote Verdrukking:

Onmiddellijk na de verdrukking van die dagen zal de zon worden verduisterd, en de maan zal haar licht niet geven, en de sterren zullen van de hemel vallen, en de krachten der hemelen zullen worden geschokt. En dan zal het teken van de Mensenzoon in de hemel verschijnen en dan zullen alle stammen der aarde zich [in weeklacht op de borst] slaan en zij zullen de Mensenzoon zien, komende op de wolken des hemels, met kracht en veel heerlijkheid.
(Mt 24:29-30) 

In Openbaring 6 - waarin Mattheüs 24 wordt gevolgd wat betreft de opsomming door Jezus van de tekenen die kenmerkend zouden zijn voor de paroesie - worden bij het openen van het Zesde Zegel die zelfde gebeurtenissen, maar dan vooral steunend op bekende Oudtestamentische voorstellingen, bij voorbaat aan ons getoond:

En ik zag toen hij het zesde zegel opende, en een grote aardbeving geschiedde, en de zon werd zwart als een haren rouwzak, en de gehele maan werd als bloed, en de sterren des hemels vielen naar de aarde, zoals een vijgenboom, geschud door een krachtige wind, haar onrijpe vijgen afwerpt; en de hemel week terug als een boekrol die wordt opgerold; en elke berg en [elk] eiland werden van hun plaatsen verwijderd.
En de koningen der aarde en de hoogwaardigheidsbekleders en de oversten over duizend en de rijken en de sterken en elke slaaf en vrije verborgen zich in de spelonken en rotsen der bergen. En zij zeggen tot de bergen en de rotsen: Valt op ons en verbergt ons voor het aangezicht van hem die op de troon zit en voor de gramschap van het Lam; want de Grote Dag van hun gramschap kwam en wie kan standhouden? 

De taferelen – die het onheilspellende gebeuren van de Grote Dag van Gods gramschap (alsook die van het Lam) tekenen – blijken Gods reactie te zijn op de verdrukkingen die door de vijanden van Israëls Overblijfsel over dat herstelde volk van God gebracht zullen worden.  Ezechiël, met name de hoofdstukken 38 en 39, is daarin heel duidelijk. Want daar vernemen we profetisch de ondergang van Gog – ook afgebeeld door Haman in het Estherverhaal – de sinistere, antichristelijke figuur die Satans bendes zal aanvoeren in de aanval op het herstelde Israël van de Eindtijd.
Het kan bijgevolg niet toevallig zijn dat de getalswaarde van Esther 9:15, waarin de overwinning op de toenmalige vijanden der Joden te Susan beschreven wordt, 6030 bedraagt: 

En de Joden die in Susan waren verzamelden zich ook op de veertiende dag van de maand Adar, en zij doodden in Susan driehonderd man; maar aan het roofgoed sloegen zij de hand niet.

Zie:  De commentaren op Op 6:12-17 en Ezechiël 38 en 39 .

Onder Gesuggereerd Begin zagen we dat de aanvang van de 70ste Jaarweek op z’n laatst op 16 augustus 2018 (5 Elul 6023 AM) gesteld moet worden.
Of de Opname van Yeshua’s Gemeentelichaam nog vóór die datum zal plaats vinden zullen we moeten afwachten!

-.-.-.-

-.-.-.-


woensdag 13 juni 2018

The Rich man and the poor Lazarus

A certain man now was rich and he used clothing himself in purple and fine linen, from day to day enjoying a wonderful life. A certain poor man named Lazarus, who was covered with sores, was usually laid down at his gate, and desired to be satisfied with the things that fell from the rich man's table; but also the dogs came and licked his ulcers regularly ( Luke 16:19-21).

In these terms the parable starts to be known as the Rich man and the poor Lazarus. The immediate cause for Mashiach Yeshua to pronounce that parable was the haughty attitude of the majority of the Pharisees. Directly before Yeshua had let them know that they could not serve YHWH Elohim and at the same time the Mammon. To those Pharisees that was a ridiculous idea. Rather, they saw wealth as a blessing from heaven, a reward for a virtuous life. Could it not be read in the Torah that YHWH Elohim favours people like them, especially in the portion Dt 28:1-12?

And did not people just look at them with respect, because they excelled in the strict observance of the Law?
But Yeshua knew better; they might then declare themselves righteous, God knew their innermost; their religious pride and hypocrisy was an abomination to him. However, Yeshua, all the things that were just previously discussed by him, he now illustrates in the parable and therefore not too difficult to interpret: The Rich man clearly represents the religious Jewish upper class. Lazarus, that poor wretch, the common people.

In their (supposed) privileged position with God, the Rich man did not at all hesitate to go richly dressed, in royal style [purple], convinced of their own justice [fine linen], living in abundance, yes, for themselves and their friends even wasteful.
Everything that the Rich possesses, he uses for selfish and present pleasure, a hedonist therefore in heart and soul. The essence of God's kingdom - in which he naturally assigns himself a place - in reality, means nothing to him.

The Lazarus' people, on the other hand, are dying of hunger - literally, but above all, spiritually. They think that their spiritual need can only be satisfied in the presence of their priests, Levites and lawyers. But nothing is less true. As the am ha-arets, the common people - literally the people of the land - they are treated with contempt by those religious leaders ( Lev 20: 2 ; Jn 7:49 ).
They see them as God-tormented, spiritually beaten people [covered with sores]. Compare Dt 28 : 35 .
The dogs [Gentiles], who, while competing with Lazarus in getting hold of some leftover food, are still favorable to them. They at least still lick theirulcers.


It is striking that only the poor is mentioned by his name: Lazarus, the Greek form of the Hebrew Eleazar. The first Eleazar mentioned in the Bible [God helps] was one of the four sons of Aaron. He and his brothers were installed in the priesthood shortly after the establishment of the Tabernacle. He and Ithamar continued to exercise that office even after YHWH Elohim killed their brothers Nadab and AbihuWhen Aaron died by the end of the Exodus, Eleazar succeeded him as High Priest. He was therefore the first on duty High Priest in the Promised Land.

The numerical value of Eleazar is 308. The same value also has the Hebrew verb to repent or repent ( שוב ). In the parable, therefore, Lazarus can very well represent that part of Israel that responds to the call: Repent because the kingdom of heaven is at hand  (Mt 4:17, Lk 3:3).

The fact that the name of the Rich is not mentioned at all clearly indicates that he is not worthy to be kept in God's memory and must therefore be given up to oblivion. Compare Ex 32 : 33 .

It happened now that the Beggar died and that he was carried away by the angels to the bosom of Abraham. De Rich man died as well and he was buried (verse 22).

Jesus continues the parable now entirely in accordance with the way the Pharisees thought about death at that time. Thus they held the view that the spirit of a righteous one was transferred to heaven by angels at his death. Here Jesus says that Lazarus was carried away to the bosom of Abraham .This is reminiscent of the practice of sitting at meals, where a person's head, when he leaned backwards, came to rest almost on the bosom of the person next to him, something that indicated an intimate bond of friendship. Compare Jn 13: 23-25.

Also of the Logos is said to be in the bosom of the Father ( Jn 1:18 ).
The Jews did not doubt that Abraham was in paradise. To say that Lazarus was transferred to Abraham's bosom, therefore, for Jewish listeners meant that he had been led into heaven by the angels.

But that's how it goes in the parable. In such narrations, the facts are sometimes presented in a completely fictitious way. Reality is obviously completely different, as Solomon expressed in Pr 9: 5, 10:

Those who are still alive, at least know that they must die, but the dead know nothing ... Do what your hand finds to do. Do it with full dedication, for there are no actions and thoughts, no knowledge and no wisdom in the realm of the dead [Sheol (Heb); Hades (Gr)].

Of course, Yeshua himself knew with certainty that this is the exact situation in which every person ends up at his death. Abraham, too, was still dead at the time he spoke this parable, waiting for the resurrection:

But that the dead are raised up, Moses also disclosed at the thornbush when he called [the] Lord the God of Abraham and God of Isaac and God of Jacob. He is not a God of the dead, but of the living; for they are all living to him (Lk 20:37-38)

While those patriarchs are still dead in their grave [Sheol / Hades], God sees them, looking to the future, already as living. See also the commentary at Lk 13:28-30.

And having lifted up his eyes in the Hades, while being in torments, he saw Abraham afar off, and Lazarus in his bosom (verse 23).

Here too Jesus speaks entirely according to the Pharisees' thinking. From the commentary on the previous verse it may be clear to everyone that Hades, the Greek equivalent for the Hebrew Sheol, is a place of death: The grave, where the deceased  - whom God keeps in his memory - are waiting for a resurrection; the place where Job wanted to be kept hidden until that time ( Job 14:13 ).

Compare Ps 16:10 with Hn 2 : 27, and see Nm 16:33; Ps 6: 6 ; Is 38:18 .

Especially Psalm 6: 6 is revealing: For in death there is no remembrance of you; who would praise you in the realm of the dead [sjeool]?  

Hezekiah is also clear (in Isa 38:18) about the condition of the dead. In Sheol (Hades) the deceased is in an absolutely dead situation. He does not lead a conscious existence somewhere else:

Because the realm of the dead [Sheolwill not praise you, death does not praise you; those who descend in the pit will not hope for your truth.

But the Jewish, religious elite who had been able to know these truths very well, held a different, non-Scriptural view.
Josephus wrote in his Jewish Antiquities, Book XVIII , chapter 1, §3, the following:

Now, as far as the Pharisees are concerned ... They also believe that souls have an immortal power in them and that there will be punishments or rewards under the earth, according to whether they have lived virtuously or maliciously in this life; and the latter are locked up in prison forever, but that the former will have the power to revive and live again.

Another absurdity: When the Rich man in the grave, under the ground, lifts up his eyes, he can see - albeit from afar - Abraham, who is in heaven, and Lazarus in close relationship with him, as it were resting on his bosom [or: breasts, because κολπος is in the plural].
However, also that image Yeshua borrowed from the views of his contemporaries, infected as they were by Babylonian ideas: Those who were in paradise could see those who stayed in the Gehenna.

The question remains, therefore, which truths Jesus really wanted to convey to his audience with these images. Well, when someone dies, that represents the greatest possible change in his life. So when both Lazarus and the Rich man died, a completely new situation started for both, especially in a religious sense.

Those of the common people who acknowledged Yeshua in faith as their Messiah, responding to his call to repentance, therefore showed that they had the same faith as that of Abraham. Consequently, they were henceforth considered by God to be Abraham's true children, his seed, and therefore heirs of the promise contained in God's covenant with that patriarch: In your seed all Gentiles will be blessed.

The fact that they are transferred to Abraham's bosom by the angels, apparently symbolically indicates that the angels also play an important role in drawing people to Yeshua through the gospel proclamation.

The situation of the Rich man is also becoming radically different. The Pharisees who always took it for granted that they, the hasidim [pious], were Abraham's real children, discover - at the latest in the 70th Year Week for Israel - that they are ultimately excluded from that privilege. And that is obviously a very painful experience for them. In the period that started with the outpouring of the holy spirit on the Lazarus' people, they experienced that exclusion with gnashing teeth ( Lk 13: 25-28 Acts 4: 1-27: 51-54 ).

Thus, while the "Lazarus" members of the Israel of God are "dying" with regard to their previously mentally inferior condition and being transferred into a situation of extraordinary favour - where they are openly recognized by God as the true relatives of Abraham with all the promises associated with them - the Rich man class, on the other hand, ‘dies’ precisely with regard to his former privileged position when attributing primarily that divine favour to himself ( Mt 3: 7-10 ; Jh 8: 33-40 ).

Instead, he finds himself in a situation of divine rejection. Because of their stubborn disbelief and enmity towards the Messiah, those prominent religious leaders deny that they are Abraham's true children. Not Abraham is their father but the Devil ( Jn 8: 40-44Mt 23: 29-33 ).

And he, raising up the voice, said, Father Abraham, have mercy on me, and send Lazarus, that he might dip the tip of his finger in water, and cool my tongue, for I suffer pain in this flame (verse 24).

It is striking that YHWH Elohim, Israel's Holy One, remains in the background in the scene of the parable. It turns out in particular that the person of 'Abraham' highlights the issues related to the ‘case’ of the true Israel and the identity of her members. And not incomprehensible, since God has fully connected his purpose - to bless mankind through the kingdom of his Son, the Messiah - with that man of faith and with his "seed," of whom Yeshua is the most important (Gal 3:7- 914-1626-29).

However, in the conversation that now arises between the Rich man and 'Abraham', we hear YHWH speaking, of course through the latter. And 'Abraham' judges severely about the Rich man. Why?
In the introduction to this parable, Yeshua told the Pharisees that it is not possible to serve two Lords at the same time: God and the Mammon. And also that only fornication is a valid reason to dissolve a marriage and remarry (Lk 16:13, 18).
Having made the Mammon their god, they commit spiritual adultery to their God YHWH, with whom Israel entered into a marriage covenant at Sinai( Eze 16: 8-14Hs 1: 2).

On the basis of spiritual fornication he is therefore entitled to divorce her and to break his covenant with his wife's nation. After all, She was the first to violate the marriage covenant (Jr 31: 31-32Ez 16:59).
Not just because YHWH sees something unpalatable with them [Dt 24: 1], but on the basis of committed sexual fornication.

Unfairly, then, the Rich man addresses Abraham confidently as Father, as if the relationship is still good and rights can be derived from it; as if he still represents the true Israel. He asks for compassion for his painful situation: If 'Lazarus' could be sent with a drop of water on the tip of his finger to cool his tongue.

Incidentally, the Rich man still sees Lazarus as a subordinate, a servant who must help him; not as an equal. And further: whether a drop of water on his fingertip can also offer some relief for the pains of the Rich man! But this is also parable language.

Without imagery: The Pharisees wish that they themselves be spared! They like to see the divine message - in which they are denounced - is being watered down. How does 'Abraham' think about that issue?

But Abraham said, Child, remember that you have received in full your good things in your lifetime, and Lazarus likewise the bad ones. Now, however, he is being comforted here, but you are being pained. And besides all these things, there is a great chasm between us and you people, so that those who want to move from here to you cannot. Neither can they cross over from there to us (vv 25-26).

It is clear that 'Abraham' does not want to respond to the pleading of the Rich man, since
a. It is not spiritually safe for 'Lazarus' outside of Abraham's bosom.
b. The decision that God has taken with regard to both is entirely justified.
c. The gap between the two is unbridgeable.

By addressing him with child, "Abraham" recognizes that the Rich man is a natural descendant of him. From that point of view he would naturally be willing to offer help, but he can not change God's righteous counsel, namely that not all who belong to Israel are also true Israel
Nor are they automatically Abraham's true children, merely because they are his natural seed, offspring according to the flesh. Not the children according to the flesh are counted as God's children, but those who are counted as belonging to the promise; those who, on the basis of his merciful election, are counted as Abraham's seed (Rom 9:6-12).

The Rich man has been given sufficient opportunity by God to lead his own 'happy' life. He can only blame himself that his interest only went to the pleasures the Mammon offered him. Thus he made himself unfit for the exercise of any divine task during the Messianic age. His management of the unjust Mammon was exclusively hedonistic; for the poor spiritual situation of 'Lazarus' he had no eye at all. Consequently, he also did not make friends in the heavenly spheres.

When the spirit was poured out on the humble Lazarus class at Pentecost, he, the Rich man, stood gnashing at the sidelines. The spiritual gap between the two is immense. Fundamentalism, legalism, sectarianism on the one hand and the Israel of God on the other hand are irreconcilably far apart.

But he said: In that event I ask you, Father, that you send him to my father's house, for I have five brothers, in order that he may give them a thorough testimony, that they too may not come into this place of torment (v. 27-28).

The Rich man makes another attempt to remove 'Lazarus' from Abraham’s bossom. He has so-called compassion for his fellow believers, his five brothers in his father's sectarian house.
The number five here refers to a part of Israel to the flesh, as is the case with the five foolish virgins. There is a lot of agreement between them and the Rich Man: Because of unbelief, their Messianic expectations are wrongly directed. At the decisive moment they experience rejection and exclusion.

Incidentally, from the book of Acts we learn that, from Pentecost, the thoroughly given testimony by Yeshua's disciples did not change the mood of the religious elite. On the contrary, they kept showing themselves as opponents of the Messiah and as the most hostile persecutors of his disciples (Acts 5:17-331Thess 2:14-16).

However, Abraham said: They have Moses and the Prophets; let them listen to them. But he said: No, father Abraham, but if someone from the dead would go to them, they will come to repentance. However, he said to him: If they do not listen to Moses and the Prophets, neither they will let themselves be persuaded if someone rises from the dead (vv 29-31).

After his resurrection, Yeshua would declare to the two disciples at Emmaus that in the Scriptures of Moses and all the Prophets so many things had been written down beforehand about him, the Messiah, that there were plenty of reasons for the Jewish readers to believe in him if they were only willing to open their hearts to it (Lk 24:25-26). And that is also exactly what the Rich man gets to hear from 'Abraham'.

This means that the stubborn disbelief of the Jews over the centuries in relation to YeshuaIsrael's true Messiah, is culpable. And that all the more because since then the Gospels and the Jewish-Christian books of Hebrews up to and including the Revelation,  have been added to the canon of the Bible.

Because of their hardening, YHWH Elohim has rightly locked them up in disobedience. As is the case with the older son in the parable of The Prodigal Son, the Rich man with his five brothers stands outside the door of the fatherly house.
Compare Luke 15:28-32 and Rom 11:31-32.


No, Father Abraham ...
In his excluded situation, the Rich man even dares to contradict! Incredible Jewish hubris at the top! 
He realizes then too well that his five brothers are of the same kind as he is, not willing to see Yeshua in the light of their holy Scriptures. Moreover, they have increasingly taken away the divine power from those inspired writings. Not only by adding their own fantastic inventions, but also by showing more trust in their own human traditions than in the inspired Word of God.
In the rabbinic schools, the Yeshivas, the study of Scripture has more or less been replaced by Talmud study.

According to the Rich man, something big is needed, a miracle; someone who has risen from the dead must go to them.
However, with his foresight, 'Abraham' knows that that will not work either. And history has put him in the right: When Yeshua rose from the dead on the third day, that great event did not change their unbelief. In their deep hatred they even made attempts to erase the evidence of his resurrection (Mt 28:11-15).

Something similar happened before when a man with the same name, Lazarus, the brother of Martha and Mary, was raised. Some Jews who witnessed that scene then went to the Pharisees to inform them of the miracle. Their reaction? The chief priests and Pharisees were deliberating not only to kill Yeshua, but also Lazarus, because many Jews believed in Yeshua because of him (John 11:45-5312:9-11).

And also at the beginning of Yeshua's presence, when his own congregation, his Congregational Body, is raptured from the earthly stage, largely by resurrection, but partly also by the change of the remaining members to the spiritual nature, this will not affect the majority of the Jews. They will identify themselves with the false Messiah, the Antichrist, and hail him as their long-expected 'Messiah'.
Only a Remnant will "return” (Isaiah 10:20-22).

These verses also draw our attention to the fact that it is unrealistic to think that signs and wonders will in themselves incite people to believe in the Messiah. The Scriptures themselves indicate that hardened hearts will not respond to him. In that sense, the Word of God as witness has much more persuasion than any wondrous incident. That is why Scripture has been the main instrument of the spirit throughout the entire Age of the Church to bring people to repentance. Compare John 16:7-15.

-.-.-.-.-